Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

13

193

Is nu „Mik" een kokhalsklank? Evenmin als Jan en Bart, evenmin als Pan en Roet en les en Oot. In sommige streken zeggen de boeren „Oot" voor grootmoeder, en „Charivarius" zal de laatste zijn, er aanstoot aan te nemen.

Maar hij haat den geest, waaruit de moderne en niet dien, waaruit de ouderwetsche afkortingen voortgekomen zijn, zijnde de eerste er een van snobbisme, van poenig modetjes najagen, van karakterloos naapen wat anderen ook doen en wat deftig lijkt. „Ze heet Charlotte en we noemen haar Lot", klinkt „Charivarius" onschuldig in de ooren. „Ze heet Charlotte en we noemen haar „Duks", maakt hem boos. En misschien terecht. Maar in elk geval ten onrechte heeten die klanken kokhalsklanken. En deze zelfde man houdt vol hoon de distinctie jagers voor, dat de voorname klank van Kitty en Molly en Cissy alleen in hun verbeelding bestaat, en dat in Engeland de keukenmeiden en de schoonmaaksters zoo heeten. Wederom deze zelfde man toornt dan echter weer tegen het krukkige sport-Engelsch en de manier waarop het uitgesproken wordt. „Aag joe geddie", „joe pleet", „korner kik" en „haftijm". Dit staat nu wel machtig belachelijk —, maar ten eerste: verschilt deze uitspraak wel zóó veel van echt Engelsen als de hoonende schrijfwijze wil suggereeren? Vergelijk : sent en teelermeet. En ten tweede: ontmoeten we niet in eiken Engelschen roman tallooze menschen, die sterker afwijkende provinciale dialecten spreken? En ten derde: komt die heele uitspraak er eigenlijk wel zoo veel op aan? Nogmaals deze zelfde man vervaardigde tot ons vermaak de „phonetiscne weergave" van de taal der beschaafden zonder daaruit iets anders te concludeeren, dan dat we heel iets anders zeggen, dan er geschreven staat. In onze eigen taal. Dus ook in het Engelsen. Wat is er nu voor vreeselijks of bijzonders in dat zoo gehoonde „aag joe geddie"? Niemendal. De hoon betreft alweer het gehate snobbisme als symptoom van geestelijke verrotting en verdorring en de woorden worden zondebok. Als „besjlisjt".

De zich noemende en wanende strijder tegen taal-

Sluiten