Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

9

in Zierikzee geboren Plockhoy innam. Van minder belang is de groep der Familisten en of de Collegianten hier genoemd moeten worden, is twijfelachtig.

Troeltsch geeft in „Die Soziallehren der christlichen Kirchen und Gruppen" de volgende definitie van een secte: „Das Reich Gottes und der Vernunft, die Diesseitigkeit des Gottesreiches, der unbesiegliche Glaube an den Sieg des Guten und an die Ueberwindung ieder blósz auf den Kampf ums Daseins begründeten Menschheitsverfassung, die christliche Revolution: es ist das alte grosze Sectenideal. Es ist nur dei* ins Menschliche und Verstandige übersetste chiliastische Glaube" *) (pag. 845). Op dezelfde pagina ziet Troeltsch de sectegedachte nog als „der Gedanke des kompromiszlosen Christentums".

Ondanks alle schakeeringen beantwoorden de verschillende stroomingen, die wij nu te bespreken hebben, aan deze definitie. ■ De Ana- De anabaptisten met hun fel koortsverlangen naar het baptisten, chiliastisch rijk, waarin zij zichzelf reeds waanden te wonen, „het nieuwe Jerusalem", waar velen van de verarmde volksmassa hun heil zochten, niet alleen in het: beruchte Munster, maar ook in ons eigen land; men leze slechts de roman van P. H. van Moerkerken „Het nieuwe Jerusalem". Het is wel een van de meest merkwaardige uitingen van godsdienstige dweepzucht, waarvoor alleen de scherpe bloedige inquisitie zoowel der Catholieke Kerk als van het officieele Protestantisme een psychologische verklaring kan geven. Opgejaagd tot het martelaarsschap, hebben zij de hemelsche gezichten gezien van het duizendjarig rijk, waaraan zij alles dienstbaar maakten. Toch zou het misleidend zijn alle Wederdoopers te oordeelen naar wat te Munster geschiedde.

In oorlogstoestand hadden zij daar hun communistische staat moeten inrichten. De strengste maatregelen waren noodig, waardoor de uitspattingen niet wegbleven. Terwijl in Munster de eenheid door het zwaard gehandhaafd werd, bestond daarbuiten onder de Wederdoopers bonte verscheidenheid. (III, I, 118). Van geheel andere aard als de

") Bij het lezen van het maandblad der Zwitsersche religieus-socialisten (Ragaz, H. Kutter) „N cue Wegejf, gevoelt men doorloopend als de centrale gedachte die van „das Reich Gottes". In een der artikelen stelt de schrijver de „Reich Gottes-Menschen" tegenover de „Gottesdienst-Menschen".

Sluiten