Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II

Voor één crematie is ± 150 kilo olie noodig, maar 300 kilo cokes, het te vervoeren gewicht is dus bij cokes twee maal zoo groot.

Nadat de oven nu voltooid was, begonnen de proefverbrandingen. De uitkomsten van deze gaven aanleiding tot het aanbrengen van een geheel ander systeem van branders. Na deze wijziging voldeed de oven aan de gestelde voorwaarden en werd de oven door het Hoofdbestuur aanvaard.

Den isten April 1914 werd de oven in werkelijk gebruik genomen voor de verassching van Dr. Vaillant. Zij verliep in alle opzichten gunstig. Gedurende het proces, dat op deze crematie volgde, werd de oven niet gebruikt. Na de voor de crematie gunstige uitspraak, werd de oven in Maart 1915 opnieuw en nu in geregeld gebruik genomen. Bij elke crematie echter gaf het begin van de voorverwanning, zoolang oven en schoorsteen dus nog koud waren, bezwaren en moest met groot beleid gestookt worden. Om daarin te voorzien besloot het Hoofdbestuur kunstmatigen trek aan te brengen. Nadat dit, ongeveer een jaar na de eerste ingebruikstelling van den oven, geschied was, gaf de oven voortdurend reden tot tevredenheid. Sinds dien zijn een 1500 crematies in dezen oven verricht; slechts eens bleek het noodig den binnenbouw te vernieuwen (Maart 1923).

Intusschen nam het aantal crematies sterk toe. Meermalen werd de oven eenige weken achtereen bijna dagelijks gestookt, meermalen ook twee of drie malen op één dag.

Bij een zoo drukke opeenvolging van crematies kon de oven geen dag gemist worden. De bouw van een tweeden oven werd dus dringende eisch. De opdracht werd door verschillende omstandigheden gegeven aan een Nederlandschen ovenbouwer, die er echter niet in slaagde een oven te leveren, die aan de eischen voldeed. Dadelijk daarna zijn dan ook door het Hoofdbestuur de noodige stappen gedaan om dezen oven door een anderen te vervangen. De waarschijnlijkheid is groot dat deze oven van het allernieuwste systeem een belangrijke aanwinst voor het crematorium zal zijn.

Wij schreven boven onze schets: Feiten uit de Geschiedenis der Vereeniging. De lezer gelieve daaruit te begrijpen, dat deze Aanteekeningen geschreven zijn zonder de pretentie, dat zij zouden zijn een „Geschiedenis der Vereeniging". Dan zouden deze weinige bladzijden uitgegroeid zijn tot een tamelijk lijvige brochure. Niet alleen de feiten, maar een kritische beschouwing over de ontwikkeling dier feiten zou dan op haar plaats zijn geweest. Buitendien zouden nog velschillende onderwerpen behandeld moeten zijn, als daar zijn: „het Hoofdbestuur, de Algemeene Vergadering, de Statuten en het Algem. Reglement, het Fonds voor Lijkovens, het Fonds voor Lijkverbranding, de uitbreiding van het columbarium, de propaganda, e.a.m. De beschikbare ruimte was echter beperkt en daarom bepaalden wij ons tot de hoofdzaken.

Sluiten