Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

48

De aandeelhouder is dus, evenals de obligatiehouder onder trustverband, gebonden aan de meening van zijne mede-aandeelhouders. En daar het in de practijk gebleken is, dat de meeste aandeelhouders geen meening bezitten, doch alles aan het zittende bestuur overlaten, is de individueele aandeelhouder practisch ook aan dat bestuur overgeleverd.

In de meeste gevallen zijn de aandeelhouders slechts als geldschieters te beschouwen op een wisselende rente. De capaciteiten, moraliteit en verdere kwaliteiten van het bestuur worden de albeheerschende argumenten voor de waarde, die men aan een aandeel in een N. V. toekent.

Over de capaciteiten valt niets te zeggen. Zij zijn overwegend van persoonlijke waardeering afhankelijk. Te laat blijkt veelal, dat zij, die in goede tijden bekwaam schijnen, niet in staat zijn de onderneming in moeilijke jaren te leiden.

Wat de moraliteit betreft, het ligt niet op onzen weg een volledige opsomming te geven van de vele wijzen, waarop het bestuur zich min of meer onrechtvaardig ten koste van aandeelhouders kan verrijken. Er zij hier slechts op enkele mogelijkheden gewezen, zooals: buitensporige tractementen van bestuursleden, het leveren aan eigen onderneming, het verspreiden van valsche geruchten, teneinde winst te behalen uit manipulaties in eigen aandeelen ten nadeele van aandeelhouders enz.

Doch ook op rechtmatige wijze en geheel openlijk staat den bestuurderen de mogelijkheid open de eene groep van belanghebbenden boven de andere te bevoordeelen. Zoo hebben zij het in hun macht om door overbrenging van de winst naar nieuwe rekening de winstverdeeling, zooals die aan de verschillende groepen van winstgerechtigden toekomt, in hun voordeel te wijzigen, door in jaren van kleine winst het dividend te passeeren teneinde later naast dividend ook tantième te kunnen uitkeeren. Ter voorkoming hiervan dienen bepalingen als voorkomen in de statuten der Qero Fabriek over de winstverdeeling: na afschrijving en dotaties voor het personeel eerst 7% aan aandeelhouders. Bij uitkeering van minder dan 7% in eenig jaar wordt het eventueel ontbrekende uit de winst der volgende jaren betaald. Het daarna overblijvende wordt verdeeld als volgt enz.

Ook door uitgifte van aandeelen ver boven pari zwellen de tantièmes en dividenden van oprichters- en winstbewijzen aan op een niet te rechtvaardigen wijze. Tantièmisten hebben recht

Sluiten