Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

49

aan twee voorwaarden voldoen: de animus obligandi moet objectief aanwezig, de inhoud objectief bepaalbaar zijn. Een verklaring, die niet aan deze eischen beantwoordt, of waarvan het zelfs maar twijfelachtig is, óf zij wel daaraan beantwoordt, mag niet als offerte worden aangemerkt1.

III. Het openbaar aanbod

Wij zagen, dat de offerte ook in eenig opzicht onbepaald kan zijn. Deze onbepaaldheid kan niet alleen den inhoud der overeenkomst, maar ook de persoon van de wederpartij betreffen, nl. bij het zgn. „openbaar" aanbod2, waaronder is te verstaan elk aanbod niet gericht tot een bepaald persoon, maar tot een kleinere of grootere groep (advertenties, prijscouranten, circulaires, enz.). Vele van zulke verklaringen kunnen reeds om haar vaagheid onmogelijk als offerten worden beschouwd. Maar ook zeer bepaalde en volledige komen voor. Toch is het bekend, dat ook het aanbodskarakter van de laatste soort verklaringen langen tijd betwist is geweest en nog steeds bestreden is. Het is van belang even op dit punt in te gaan, daar zulke verklaringen tot meerdere personen niet zelden „vrijblijvend" worden gesteld. Is het gewone openbaar aanbod reeds geen bindende offerte, dan zeker niet het vrijblijvend openbaar aanbod.

Zoowel theoretisch als praktisch acht men het begrip „openbaar aanbod" onhoudbaar. Er is immers een aanbod van een bepaalde hoeveelheid aan een onbepaald aantal personen. De mogelijkheid bestaat dus, dat de aanbieder niet aan zijn verphchtingen kan voldoen, wanneer door vroegere transacties de voorraad is uitgeput. Het kan niet zijn bedoeling zijn ook tegenover later komenden gebonden te wezen, de animus obhgandi ontbreekt. En ook het verkeer eischt, dat wie snel een zaak van de hand wil doen, haar aan het pubhek kan aanbieden met de bevoegdheid later komenden zonder meer af te wijzen, wanneer de zaak reeds verkocht is. Op grond van een 1 Rb. Maastricht 16 Dec. 1920, W. 10671.

" Neumond, Arch. f. c. Pr. Bd. 89 (1899), S. 166—196; Polderman. Het openbaar aanbod (1913); Planiol, Traité II, No. 971; Démogue, Traité des"bbl., No~552 bis. Troelstra, Vrijblijvend Aanbod. 4

Sluiten