Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

118

overwoog, „dat de verkooper, die,' na koopers telegrafische aanneming van zijn aanbod, deze aanneming niet direct heeft afgewezen, definitief jegens dezen verbonden was". En ook het arrest van het Hof te A'dam dd. 24 Februari 1919 schijnt op het standpunt te staan, dat de aanbieder onmiddellijk na ontvangst van de acceptatie zijn voorstel dient terug te nemen, op straffe van gebondenheid aan zijn aanbod.

Van de schrijvers hebben zich van Goudoever1 en met meer beslistheid ook Meyers * voor dezelfde opvatting uitgesproken, welke ook volgens van Berckel1 de voorkeur verdient, als het meest overeenkomende met hetgeen in handelskringen gebruikelijk is. In verband met het resultaat der Enquête lijkt mij dit minder juist, al zullen er natuurlijk altijd gevallen blijven — zie het bovengenoemde vonnis van de Rb. te Utrecht — waarin zwijgen als goedkeuring behoort te gelden. Liever sluit ik mij aan bij Suyling *, die geheel op het positieve standpunt staat.

We moeten dus constateeren, dat rechtspraak en wetenschap zich nog niet voldoende bij de opvatting van het handelsverkeer hebben aangesloten en, misschien min of meer onder Duitschen invloed, de vrijblijvende partij wel eens reeds gebonden achten, wanneer deze niet onverwijld de aanneming van haar offerte heeft afgewezen.

B. Het Duitsche recht

Is in ons land de aanbieder pas gebonden, nadat hij de acceptatie van de wederpartij door een positieve verklaring heeft aanvaard, het Duitsche recht is in het algemeen den aanbieder niet zoo gunstig gezind en let in zooverre meer op de belangen van de wederpartij, als het deze het recht toekent de overeenkomst reeds als definitief te beschouwen, wanneer zij niet binnen bekwamen tijd een tegenbericht ontvangt. Op den aanbieder rust een bepaalde „Erklarungslast"; hij is gebonden, tenzij bij nog onverwijld na ontvangst van de accep-

1 Asser III, blz. 268/9.

« WPNR. 2676, blz. 155 N. t,

» WPNR. 2749, blz. 393.

« Inleiding, blz. 157/8.

Sluiten