Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

127

vanwege „vrijblijvend'', pas definitief wordt, wanneer de aanbieder niet ormudciellijk na ontvangst van de acceptatie zijn reeds gegeven toestemming terugneemt. Het aanbodskarakter van de vrijblijvende verklaring leidt zoo vanzelf tot het negatieve standpunt. Immers de eens gegeven toesternming kan niet nogmaals worden gegeven, en zij zou evenmin teruggenomen kunnen worden, had de aanbieder zich niet door het beding V. deze bevoegdheid voorbehouden.

De fout van deze redeneering schuilt m. i. in haar uitgangspunt. Zij is gebaseerd op de veronderstelling, dat het V. A. een echt aanbod is, maar is deze veronderstelling juist ? Het hjkt mij een averechtsche methode eerst aan het V. A. een bepaald rechtskarakter te gaan toekennen en vervolgens uit dat rechtskarakter iets te willen afleiden voor de positie van den aanbieder na de acceptatie. Integendeel moet men beginnen met die positie uit het verkeer zelf af te lezen, en vervolgens kan men uit de verkregen gegevens zijn conclusies trekken voor het rechtskarakter der vrijblijvende offerte. Anders komt men wellicht tot resultaten, die niet kloppen met de praktijk. Dat bhjkt ook hier. Wanneer werkelijk het negatieve standpunt zou volgen uit den aard der zaak, had men toch mogen verwachten, dat de handel zich vrijwel eenstemmig in die richting zou hebben uitgesproken. En dit is niet het geval, eerder het tegendeel.

Hoe staat het nu met het beroep op de goede trouw en de verkeerszekerheid ? Eischen deze nu werkelijk, dat de wederpartij, die niet of met onmiddellijk antwoord ontvangt, het zwijgen van den aanbieder als goedkeuring mag beschouwen? De noodzakelijkheid daarvan is m. i. niet aangetoond. De goede trouw brengt zeer zeker mee, dat de aanbieder de eenzijdige gebondenheid van de wederpartij, niet noodeloos rekt en daarvan gebruik maakt om op haar kosten te speculeeren. En het is een eisch der rechtszekerheid, dat de wederpartij door haar acceptatie niet te lang worde belemmerd in haar verdere handelsoperaties, maar na eenigen tijd weet, waar zij aan toe is. Haar belangen zijn evenwel voldoende gewaarborgd, wanneer zij het niet-onmiddelhjk antwoorden van den aanbieder als afwijzing mag beschouwen. De goede trouw

Sluiten