Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

148

V. Hoe is de toestand, als de aanbieder op de acceptatie zwijgt ?

Zoolang zij niet bericht ontvangt van een prijsverhooging, een tusschentijdschen verkoop, mag de wederpartij zich houden aan den gestelden prijs, de aangegeven hoeveelheid. Aangezien de aanbieder uiterlijk onmiddellijk na ontvangst der acceptatie van een en ander bericht moet zenden, wordt de gestelde prijs, de aangegeven hoeveelheid definitief, wanneer de wederpartij niet per ommegaande een tegenbericht ontvangt *t Er is dan een koopovereenkomst tegen vasten prijs of betreffende een vaste hoeveelheid, ook zonder uitdrukkelijk bevestigingsscbrijven van den aanbieder. „Immers," zegt het Haagsche Hof in zijn arrest van 10 Januari 1910, „de vrijheid, die de verkooper zich bedingt om wijziging te brengen in zijn prijzen, verplicht hem nu niet nog weder om, bij aanneming door den kooper van zijn aanbod, nog eerst te berichten, dat hij er niet op terugkomt. Dit zou zijn een omkeering der verhouding van partijen."

VI. Het rechtskarakter van het aanbod „prijs vrijblijvend", „tusschentijdsche verkoop voorbehouden" — Constructie

Uit het bovenstaande bhjkt wel, dat de algemeene en de bijzondere V.-clausule ieder haar eigen karakter hebben. Bij de vrijblijvende offerte mag de aanbieder de toestemming van de wederpartij geheel willekeurig van de hand wijzen, hij is veeleer pas gebonden na die toestemming door een positieve verMaring te hebben aanvaard. Bij de offerte „prijs V.", „tusschentijdsche verkoop voorbehouden" niets van dit alles! De aanbieder is direct met de acceptatie tot levering verplicht, zoodat van een afwijzen of aanvaarden dier acceptatie geen sprake kan zijn. Hij is alleen niet gehouden tot levering tegen den gestelden prijs of tot levering van de aangegeven hóeveelheid, maar ook de bepaling van den definitieven prijs of van het ten slotte te leveren quantum is aan zijn willekeur onttrokken. En terwijl bij de vrijblijvende offerte door het zwijgen van den aanbieder op de acceptatie in het algemeen

1 Rb. Haarlem 7 Maart 1882; Hof den Haag 10 Jan. 1910. Sieberg, S. 26.

Sluiten