Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

165

verkreeg, t. w. om, wanneer hem zulks noo'dig voorkwam, het voeren van passen ook verplichtend te stellen waar en ten aanzien van wie der hier bedoelde personen hij dat wenschehjk achtte.

Nog werden van het voeren van een pas, en alles wat die verpbchting verder medebracht uitgezonderd, Inlandsche hoofden en hun gevolg en personen reizende in 's landsdienst.

Ten slotte zouden buiten de werking van de beschreven bepalingen blijven de Japanners, daar deze volgens deze ordonnanties niet begrepen zouden worden onder de met Inlanders gehjkgestelden.

N. b. m. was deze bepaling tot aan de inwerkingtreding van de wet van 19 Mei 1899 (Stb. 1899 no. 121) in strijd met het voorkomende in de 2e alinea van artikel 109 R. R.

Daar toch stond, dat met Inlanders werden gelijk gesteld: Arabieren, Mooren, Chineezen en allen die mohammedanen of heidenen zijn, dus ook de Japanners.

Stelde nu het R. R. de Japanners gelijk met Inlanders, dan kon daarin bij ordonnantie geen verandering worden gebracht.

Behalve dit alles, hield de betrekkehjke ordonnantie nog eenige bepalingen in, welke met het reizen geen direct verband hielden, benevens een enkel voorschrift ten aanzien van het zelfbestuur dat elders1) zal besproken worden.

Zooals reeds opgemerkt, kwam bij ordonnantie van 20 Juni 1898 (Stb. 1898 no. 194) eene nieuwe regeling tot stand op het reizen van Inlanders en vreemde Oosterlingen in de Zuider- en Oosterafdeeling van Borneo. Hierbij werd het overland reizen van het grootste deel der Inlanders behoorende tot de oorspronkehjke bevolking van dat gewest, vrij verklaard voor het belangrijkste deel van dat ressort.

Alleen de hier bedoelden niet gevestigd binnen het gebied der afdeelingen Bandjermasin en Ommelanden, Martapoera, Kandangan, Amoentai, Dajaklanden en Doesoenlanden (uitgezonderd de onderdistricten Boven- Kahajan, Boven-Kapoeas en Boven-Doessoen) moesten ook toen nog bij reizen, zoowel over land als over zee, hetzij binnen hetzij buiten deze residentie van een pas zijn voorzien.

!) Blz. 171,

Sluiten