Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

187

woonplaats üiruilen tegen een andere. Op overtreding van deze voorschriften werd straf gesteld.

Aldus dacht men de veiligheid te bevorderen, en het opsporen van hen die om eenige reden door de politie werden gezocht, gemakkelijker te maken. Of deze regelingen nuttig werkten is nergens vermeld gevonden ; het wil mij voorkomen, dat zulks mag worden betwijfeld, daar het niet was uit te maken of, iemand in eenige kampong zich vestigend, zijn eigen — dan wel een kaart van een ander ter inwisseling aanbood. Zeker is dat die voorschriften aan de betrokkenen veel last veroorzaakten.

Ten slotte werd door den resident der Oostkust van Sumatra bij zijne verordening van 23 Maart 1908 (Javasche Courant van 5 Mei 1908) nog straf bedreigd tegen vreemde Oosterbngen en Inlanders, niet behoorende tot de inheemsche bevolking van Sumatra, die op een onderneming van mijnbouw werden aangetroffen zonder dat zij de reden van hun verblijf aldaar konden opgeven.

Dat ook in de jaren na 1900 Inlanders op last van het bestuur hier en daar moesten verhuizen *) blijkt o.m. uit de ondervolgende vraag welke de heer van Kol op 27 Januari 1922 aan den Minister van Koloniën deed :

In de verslagen van de Mindere Welvaartcommissie werd herhaaldelijk geklaagd over het willekeurig verplaatsen van Inlandsche nederzettingen, dorpen e.d.g.

Daardoor werden soms groote nadeelen toegebracht aan de bevolking door het verplichte opbreken en weder opbouwen van haar woningen, het achterlaten van hun velden, soms met overjarige gewassen beplant, en der oogsten 2).

In de Koloniale Studiën van Juni 1919 spreekt DeNeve (Z. W. Borneo) van het doen verplaatsen van geheele desa's en in de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 18 Januari 1922 kan men lezen,

!) Blz. 46 en 100.

s) Soms werd door die gedwongen verhuizing de gezondheid van hen, die tot veranderen van woonplaats genoodzaakt werden, benadeeld. Verplaatsing der menschen van de bergen naar dalen of naar de kust, leidt tot gedwongen andere wijze van voeden, wat ze niet kunnen verdragen; tot het opdoen van malaria, enz. (Ceram, Celebes). Dit alles beinvloedt het kindersterftecijfer, omdat alle natuurvolken zich in den loop der eeuwen hebben aangepast aan hun omgeving. (Tillema in Koloniaal Weekblad van 21 Februari 1924 blz. 3).

Sluiten