Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

154

één der dieren, waarmede het noodlot u bedreigde. Hij zal [u ook macht geven over de beide anderen]." — Hij offerde aan den god, bad tot hem en vereerde hem, dag aan dag. Nadat [vele dagen waren verloopen], ging de jongeling zich vertreden in den omtrek (?) van zijn landgoed. Hij ging niet [alleen uit, doch] zijn hond volgde hem op den voet. Zijn hond ging langs

de uiterwaard (?) draafde vóór hem uit en bereikte den

stroom. Hij daalde achter zijn hond in het water af. Toen kwam de krokodil tevoorschijn en nam hem mede naar de plaats, waar de watergeest zich ophield.... De krokodil zeide tot den jongen man: „Zie, ik ben één der noodlottige dieren, waarvoor gij zijt gewaarschuwd en die u vervolgen (?). [Gij zult moeten] strijden met den watergeest; want zie, ik zal u dan vrij laten gaan. Doch wanneer gij ziet, dat...." Toen dan de tweede morgen aanbrak, ging de [jongeling

Sluiten