Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

33

den troon en na begroet te zijn op de hun aangewezen plaats in het Zuiden.

Wanneer de Regeerende Meester eener loge de plechtigheid bezoekt, wordt hij door vijf Officieren met ontbloote wapenen binnengeleid. Hij plaats zich ten Zuiden van den Achtbaren Meester; die hem begroet en een plaats in het Oosten aanwijst. De bezoekende Voorzitter kan echter voor zoodanig eerbewijs bedanken.

Wanneer een Bezending van het Groot Oosten of van Groot Officieren zich aanmeldt, wordt zij eerst in een afzonderlijk vertrek ontvangen en nadat de bovenvermelde Broeders zitting hebben genomen, door zeven Officieren der loge met ontbloote wapenen binnengeleid.

De Achtbare Meester en de Opzieners blijven op hunne plaats. L

Wanneer de Bezending voor den troon is genaderd, biedt de Achtbare Meester aan het Lid dier Bezending, het eerste in rang, den hamer aan, welk Lid dien aannemen of voor de hem bewezen eer bedanken kan.

Neemt de Bezending den hamer aan, zoo plaatst zich de Achtbare Meester ten Zuiden van haar jongste of laatste lid. Na volbrachten last overhandigt zij in het eerste geval den hamer aan den Achtbaren Meester, die de werkzaamheden der loge verder voortzet en eindigt.:

De Bezending wordt op dezelfde wijze uitgeleid.

Wanneer de Grootmeester of zijn Gedeputeerde met de, beide Grootopzieners zich bij een loge aanmelden, moet een bezending van zeven officieren der loge met ontbloote wapenen hen de loge binnenleiden en bij het naderen van den ingang, moeten de Achtbare Meester en de Opzieners met den Redenaar, die de drie hamers op een kussen draagt, hen tegemoet treden. De Achtbare Meester zal hen dan toepasselijk en plechtig begroeten.

Nadat de Grootmeester of zijn Gedeputeerde op den troon en de beide Grootopzieners in het Westen gezeten zijn, .plaatst zich de Achtbare Meester ten Zuiden van den troon; terwijl de beide Opzieners der loge zich aan de rechterzijde der beide Grootopzieners plaatsen. De Grootmeester of zijn Gedeputeerde en de Grootopziener geven na gehouden toespraak de hamers aan den Achtbaren Meester en aan de Opzieners terug, die alsdan de werkzaamheden der loge vervolgen en eindigen.

De Grootmeester of zijn Gedeputeerde en de Opzieners

3

Sluiten