Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

36

De Majoor zit in een restaurant en bestelt een kreeften-mayonaise.

Maar hij krijgt een kreeft, die maar één schaar heeft.

De Majoor reclameert hierover en de kelner antwoordt, dat dit bij kreeften méér voorkomt, omdat zij met elkaar vechten en de een den ander een schaar afknijpt.

Hierop zegt de Majoor op militairen toon: „Breng mij den overwinnaar!"

De Overste komt voor de Compagnie en zegt tegen den Kapitein, dien hij persoonlijk kent:

„Goeie morgen, goeie morgen."

Een der soldaten, die denkt, dat hij de heele compagnie bedoelt, brult:

„Goeden morgen, Overste!" Als de Overste weg is vraagt de kapitein:

„Wie was die ezel?"

En de heele compagnie antwoordt in koor: „Dat was Overste Heeschmanü"

De barbier Snijhuis is als landstormer mee op manoeuvre.

Daar hij kapper van zijn vak is, gebruikt men hem tevens ter behandeling van het regiment en zelfs de Majoor laat zich bij hem scheren.

Snijhuis is hierdoor zeer gevleid, maar tevens een beetje opgewonden en de Majoor krijgt per ongeluk een kleine jaap in zijn wang. Hij neemt het echter nog al gemoedelijk op en zegt:

„Ja, ja, Snijhuis, dat komt van het vele bitteren." Waarop Snijhuis antwoordt:

„Inderdaad, Majoor, daarvan wordt de huid zoo teer.'

Sluiten