Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OORSPRONKELIJKE WERKEN

103

Irmingarde — Kruis en Adelaar — De Nachtelijke Zangers — Tenochtilan «■* Om de Keizerskroon — Koning Karei en Widukind — Door Strijd tot Zegepraal ■— Gregorius de Groote •— De Tocht naar Damiate — De Gouden Dubloen Maagdepalmen — Een Bloem in den Kerker ■—• De Juffrouw van Gezelschap ■—* De Indringster — Lood in 't Hart — Worstelend om Licht — Kerst- en andere Verhalen.

Onder den naam R o m b o u t schreef hij twee deelen Humoresken.

LANS—RUSSEL (Julie H. M. R. van der) geboren te Maastricht in 1867, studeerde M. O. Fransch, schreef in vele tijdschriften en was medewerkster aan Nederlandsche en Fransche dagbladen. Zij schreef de novellen:

Martenshoeve — De van Randerburg's — Barones Beatrix — Wereldlingen — Mij is de Wrake — De Erfgenamen van Ter Horst — A'sche Dames — De Loopbaan eens Kunstenaars —; De Meerssener Bende — Al Verder en Verder — De Eiken van Forzetten (voor oudere lezers) —i Zee van Wee (drankbestrijderslectuur) — en voor jongeren, met dezelfde tendenz: Frehske in den Vreemde.

Kinderboeken zijn: Ridder Michiel — Janus Peek en z'n Vliegmachine —. F;rits de Jager — Treesje's nieuwe Taak.

LATEUR (Franciscus Maria Petrus) te Heule (bij Kortrijk) in 1871 geboren, neef van Guido Gezelle. Tot 1906 werkte hij te Avelghem in zijne bakkerij, en studeerde tusschentijds letterkunde en talen. Hij schreef steeds onder den naam Stijn Streuvels. Zijn taal is machtig, en grootsch zijn visie op menschen en natuur. Hij is impressionist en visionair, realist en romanticus. Hij is uitbundig in het beschrijven van het liefdeleven, maar ook prachtig in zijn uitbeelding van het hoogere (als in Kerstekind — Sint fan.)

Met zijn boeken Minnehandel en Dorpsgeheimen, moet men om den losgebroken zinnenzwijmel, zeer behoedzaam zijn. Als voorbehouden beschouwen wij ook Lenteleven — Zomerland — Zonnetij — Doodendans — Langs de Wegen — Dagen,

Literair even goed en moreel veel beter, zijn Openlucht — Stille Avonden — Het Uitzicht der Dingen — Kerste-Kind — De Boomen — Sint-Jan — Oogst — Mijn Rijwiel — Het glorierijke Licht — Soldatenbloed — Morgenstond — Najaar en ook De Vlaschaard. (Onder deze laatste opsomming noemen wij eenige schetsjes afzonderlijk uit zijn groote bundels uitgegeven). In Reinaert de Vos zijn de minder-geschikte passages van het middelnederlandsche dierenepos handig weggewerkt. Van Genoveva van Brabant, voor grootere lezers, gaf hij ook een editie voor de jeugd.

Sluiten