Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

23

eigen apotheek te houden en niet alleen de eerste dokter die zich vestigt. Is er maar één apotheek dan kunnen alle geneesheeren ter plaatse dit verlof tot afleveren van geneesmiddelen bekomen.

In art. 4 wordt den apotheekhoudenden geneesheeren de verplichting opgelegd om maten, gewichten, balansen en bepaalde medicamenten steeds schouwbaar voorhanden te hebben. Wat beteekent dat woord „schouwbaar". Voor een ieder zichtbaar wellicht? Of voor bezichtiging toegankelijk? Men zoude het vermoeden, doch geheel ten onrechte. Immers dit „schouwbaar" beteekent niet anders dan geschikt om de schouw te doorstaan, d. i. om bij de schouw door den inspecteur der volksgezondheid te worden goedgekeurd. (H. R. 30 Jan. 1872 W. 3432). Schouwbaar wil dus alleen zeggen in deugdelijken staat. Dat is alles. Weliswaar behoeven de apotheekhoudende geneeskundigen geen andere middelen voorhanden te hebben dan die op de lijst door hen opgemaakt en door den inspecteur voor gezien geteekend, voorkomen, en strekt zich hunne „schouwbare" verplichting niet uit tot al wat in de Pharmacopee is opgenomen, maar alleen tot wat op deze lijst compareert, welke lijst voor hen in de plaats treedt der Pharmacopee, doch zulks neemt niet weg dat ingeval zij andere geneesmiddelen (onverplicht dus) voorhanden hebben, zij ook met betrekking tot die onverplichte geneesmiddelen aan de voorschriften voor de verplichte gesteld zijn gebonden. (H. R. 10 Dec. 1868).

Geneeskundigen, die de bevoegdheid tot het leveren van geneesmiddelen niet bezitten (en deze bevoegdheid kan ontbreken zelfs indien zij den titel van apotheker bezitten, zie boven), mogen, bij geheime ziekten, de geneesmiddelen toch aan de zieken leveren, mits die middelen, in den vorm waarin zij gebruikt worden, aan henzelven door eenen apotheker afgeleverd en van diens zegel voorzien zijn. Het is verboden dat apothekers en geneeskundigen rechtstreeks of zijdelings overeenkomsten met elkander aangaan over het leveren van geneesmiddelen. Uit de geschiedenis der wet is niet duidelijk gebleken wat hier onder „zijdelingsche

Sluiten