Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

33

letsel met mishandeling op indien de dader een geoorloofd doel nastreeft en bij de toepassing van de middelen tot bereiking van dat doel niet bewust de grenzen der redelijkheid worden overschreden. (Rechtbank te Rotterdam 20 October 1925, N. J. 1925 bid. 1175). De heelmeester mishandelt derhalve niet als hij den patiënt zijne kunstbewerkingen doet ondergaan.

Met mishandeling wordt gelijkgesteld het opzettelijk benadeelen der gezondheid. De onderscheiding tusschen doel en middel komt hier niet te pas.

Wanneer een geneesheer te kiezen mocht hebben tusschen het laten sterven van zijn patiënt en het opwekken van ziekten of gebreken tot behoud van zijn leven, zou hij zich op overmacht kunnen beroepen.

De artikelen 307 en 308 heb ik reeds vroeger besproken bij de onrechtmatige daad. Rest nog slechts de sanctie te noemen gesteld op het eveneens reeds besproken art. 30 B. W. houdende verplichting van den geneesheer tot aangifte van geboorten. Deze sanctie is te vinden in art. 448 W. v. S. waarbij strafbaar wordt gesteld hij die niet voldoet aan eene wettelijke verplichting tot aangifte aan den ambtenaar van den burgerlijken stand voor de registers van geboorte'of overlijden en wel met geldboete van ten hoogste honderd gulden.

Van de overige wetten welke voor den praktiseerenden arts belang kunnen hebben behoeft niet veel te worden verteld, aangezien jurisprudentie daarop, voorzoover voor ons onderwerp van beteekenis, ontbreekt. Ik kan dus volstaan met den inhoud der desbetreffende artikelen weer te geven; moeielijkheden bij de uitlegging doen zich daarbij niet voor.

ARMENWET.

Deze behandelt de geneeskundige armenverzorging in de artt. 33—37. Zij luiden:

1. Indien voor eene gemeente niet of niet voldoende is ,

3

Art. 448.

Vrt. 33.

Sluiten