Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

irmerde zich, hoe een vreemd wild vuur in haar oogen schitterde, toen hij haar aangreep in het paleis van haar vader en in de kleine vuist, die zij snel tot verzet hief, had een zilveren dolk geblonken. Maar h« had haar polsen omklemd en zijn gezicht tot het hare gebogen. Toen terwijl de hemel vlamde van de branden zijner krijgers en de angstkreten der arme inwoners boven het moordrumoer der overwinnaars uitschnlden; toen had hij haar geheim in den gloed van haar oogen gelezen. Zij had hem lief, hem, den overwinnenden zoon van den Zon, hem, den Sterke, die over haar kwam met dwingend geweld! Zij had hem lief, hem, den vreemdeling, wiens omhelzing zij begeerde, ondanks den opstandigen haat van een weerspannig geslacht, die in haar gloeiend bloed met den zwijmelenden drang naar overgave worstelde. Zij begeerde hem, omdat mj groot en schoon was en van zegevierende kracht en toen hij haar met een lach van machtsgevoel en wellust in zijn armen omhoog hief, had zij zich, willoos geworden onder zijn geweld, aan hem gegeven.

Twintig jaren had Tlasca aan zijn zijde geleefd m Quito, waar men hem was gaan eeren als een wijs vorst, die de menschen hun goden en gewoonten liet. Nocfttans bracht hij onmerkbaar onder het overwonnen volk de milde gebruiken der Inca's en niet langer hoorde men de doodskreten der jonkvrouwen, geofferd op de altaren van den wreeden Pachacamac, wiens tempels hij verder ongemoeid liet.

Hij had gezinnen uit Tavantinsuyu doen verhuizen naar Quito en omgekeerd: de landbouwers kwamen te wonen onder huns gelijken, de visschers; die in kleur^ katoen gekleed gingen en in de heete kuststreken leefden, plaatste hij onder visschers en de lamahoeders van de hooglanden uit het Zuiden, die woUen kleederen

8

Sluiten