Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 8 —

lijk was het niet dit pad te volgen, want het teekende zich te nauwernood af op den met rotsblokken en kleinere stukken zandsteen bezaaiden bodem. Telkens rees de gedachte bij mij, hoe vreemd het was, dat door dit dorre landschap een zoo breede rivier haar loop nam. Behalve dan de zware boomen in de verte, ontbrak elke aanduiding van de nabijheid van water.

Het bosch lag thans op betrekkelijk korten afstand vóór mij: een donkeref> compacte massa, die uit den bodem oprees en mij het uitzicht op de rivier en op het vlakke terrein aan de overzijde daarvan geheel benam.

Van een huis was nergens iets te bekennen.

Op dit oogenblik hoorde ik plotseling een geluid — het eerste, dat de stilte verbrak —, dat de nabijheid van een menschelijk wezen verried. Het was de doffe slag van een bijl, die in het levende hout bijt; en op den eersten slag volgden een tweede, een derde en nog vele meer. De slagen kwamen uit de richting van het bosch en, toen ik mijn weg met haastige schreden vervolgde, kreeg ik den houthakker spoedig in het gezicht.

Het was — en in deze streken is dat iets zeer zeldzaams! — een kleine, mismaakte gestalte, die aan den arbeid was: een groot hoofd, een inééngedrongen lichaam met korte beenen, maar zéér lange, krachtige armen, waarop de spieren als koorden geteekend stonden. De man had een weligen bos krulhaar van een dof-zwarte kleur. Zijn gezicht was, door den invloed van weer en wind, zoo bruin als oud perkament; het was mager, op het uitgeteerde af, maar maakte toch in het geheel niet den indruk van ziekelijkheid. Een lange, zwarte snor gaf aan dit magere gezicht een uitdrukking van woestheid en de schitterende, donkere oogen droegen ertoe bij, die uitdrukking te verhoogen.

De man was bezig een jongen eik te vellen. Ik heb scherpe oogen, zoodat ik reeds uit de verte zag, dat hij nu en dan, wanneer hij de bijl uit het hout rukte, een snellen blik in mijn richting wierp. Maar toen ik vlak bij hem was gekomen, hield dit op en deed hij, alsof hij mij niet zag.

Sluiten