is toegevoegd aan uw favorieten.

Schets van het Nederlandsche burgerlijk procesrecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3

stelling tot andere wetten of wetboeken, welke het materieele privaatrecht regelen. Scherp is echter die tegenstelling, gelijk wij opmerkten, niet doorgevoerd, en met name vindt men in het Burgerlijk Wetboek en het Wetboek van Koophandel menige bepaling van formeelrechtelijken aard; terwijl omgekeerd het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ook enkele bepalingen bevat van materieel recht. De Faillissementswet, zijnde de wet die sedert 1 September 1896 is ingevoerd ter vervanging van het derde boek van het Wetboek van Koophandel en den laatsten titel van het Wetboek van Rechtsvordering, omvat, zooals reeds gezegd, het geheele materieele en formeele recht voor zoover het op staking van betaling betrekking heeft, behoudens de nieuwe wet ten aanzien van verzekering-maatschappijen. Eindelijk dient nog te worden opgemerkt, dat ondanks den schijn, dat geheel ons rechtswezen door de wet (de codificatie van 1838 met de in den loop der jaren daarin gebrachte wijzigingen en daaraan toegevoegde wetten) geregeerd wordt, dit toch volstrekt niet het geval is. Ook op het gebied van het formeele recht is heel wat niet door de wet geregeld. Het zoeken naar recht zou dan ook niet zelden vruchteloos zijn, ware het niet, dat onze rechters en zij, wier wettelijke taak het is tot de handhaving der rechten mede te werken, in de school der Romeinen gevormd zijn. Uit dien oorsprong toch is ook het Fransche procesrecht, de naaste bron voor het onze, voortgevloeid. Zoo komt het, dat de leemten der wet in haren geest kunnen worden aangevuld met méér zekerheid, dan de enkele kennis der wet zou doen verwachten.