is toegevoegd aan uw favorieten.

Schets van het Nederlandsche burgerlijk procesrecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

277

gedaan wordt of van hun bij hen inwonende kinderen;

3°. op de uitrusting van militairen in werkehjken dienst;

4°. op de gereedschappen van ambachtslieden en werklieden tot hun persoonhjk bedrijf behoorende;

5°. op den in het huis voorhanden voorraad spijs en drank dienende tot behoefte van het gezin gedurende één maand;

6°. op de boeken betrekkelijk het beroep van den persoon tegen wien het beslag gelegd wordt, of op de werktuigen en gereedschappen dienende tot eenig onderwijs of beoefening van kunsten of wetenschappen een en ander tot de som van / 200 en ter keuze van den geëxecuteerde;

7°. op één koe of twee zwijnen, of twee geiten of vier schapen ter keuze van den geëxecuteerde, met het benoodigde stroo en voeder voor den tijd van één maand.

De in de twee laatste nummers opgenoemde goederen kunnen echter in beslag genomen worden:

1°. wegens vorderingen, voortspruitende uit verstrekking van levensbehoeften aan den geëxecuteerde;

2°. voor vorderingen van personen, welke die goederen vervaardigd, gerepareerd of verkocht hebben;

3°. voor verschuldigde huur of pacht van onroerende goederen, waarin of waarop zij voorhanden zijn.

Langen tijd gaf de regeling van het beslag op roerende goederen groote moeilijkheden, indien dit elders dan ten huize van den schuldenaar zou moeten plaats hebben. Sinds de wet van 29 Dec. 1932 S. 676 is deze moeilijkheid voor de meest voorkomende gevallen alleszins bevredigend opgelost. Art. 444a Rv. schrijft nu nl. voor dat, indien een redelijk vermoeden bestaat (met zekerheid zal men dit wel nooit kunnen weten) dat de in beslag te nemen goederen zich in een van een derde gehuurde of op andere wijze in gebruik bekomen ruimte bevinden, zoo dat voor den toegang diens medewerking noodig blijft — anders immers heeft de schuldenaar de goederen rechtstreeks onder zich — de deurwaarder hem en den derde gelasten zal den toegang te openen, en indien daaraan niet wordt voldaan, zich met assistentie van het hoofd der gemeente (commissaris van politie) den toegang verschaffen overeenkomstig art. 444. Inmiddels zal hij door een bewaarder beletten dat iets wordt weggenomen. De bedrijfsmatige verhuurders moeten den deurwaarder inzage geven van de registers waarin de gebruikers zijn vermeld, maar ook

19