is toegevoegd aan uw favorieten.

Christelijke encyclopædie voor het Nederlandsche volk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

612

DOLMAN — DOMELA NIEUWENHUIS

logen aan te toonen, dat het onfeilbaarheidsdogma in strijd was met de Heilige Schrift, de kerkvaders, de traditie en de historie. Het antwoord van zijn aartsbisschop was de excommunicatie 14 April 1871. Döllinger ontving honderden bewijzen van adhaesie en hij werd tot rector van de „Münchener Hochschule" benoemd.

Had Döllinger den stoot gegeven tot het ontstaan der Oud-Catholieke kerk, hij heeft tot de institueering van die kerk weinig bijgedragen, omdat hij met de vooruitstrevende elementen niet accoord ging. Toen het eerste congres der Oud-Catholieken te München gehouden werd <22—24 September 1871) wist de president Dr Van Schulte een voorstel om zelfstandig zich te organiseeren, aangenomen te krijgen, maar Döllinger wilde geen aparte organisatie. Dat was naar zijn inzien sectarisch. Toen beslist was, dat men als afzonderlijk instituut zou optreden, trok Döllinger zich uit de beweging terug, maar hij koos geen positie tegen de Oud-Catholieke

Zijn arbeid na 1871 op wetenschappelijk gebied was niet meer van groote beteekenis. Toch dwingt zijn arbeidzaamheid grooten eerbied af. In 1888—1889 gaf hij nog Academische voordrachten uit. Hij was toen 90 jaar oud. [ 24.

Dolman, wambuis met bont afgezet en van tressen voorzien, dat in ons land gedragen wordt door de rijdende Artillerie. Oorspronkelijk was dolman een onderdeel van de Hongaarsche nationale kleederdracht, een kort opperkleed met mouwen.

Dolmen is de naam voor een uit groote onbehouwen steenblokken bestaanden rechthoek, zooals er over een groot deel der aarde (m. n. echter in door Kelten bewoonde landen) voorkomen en in het voorhistorische tijdperk zijn opgericht. Vroeger dacht men, dat deze dolmen altaren waren; thans worden ze meest voor graven gehouden, omdat men er veelal geraamten in heeft aangetroffen. [ 17.

Dolscius (Paul), geboren 1526 te Plauen. Hij studeerde in Wittenberg onder Melanchton. Later werd hij rector aan een school te Halle tot 1560. Daarna bestudeerde hij de medicijnen en werd stadsdokter in Halle, f 1589- HÜ vertaalde in 1551 de Psalmen, in 1559 de Prediker. De confessio Augustana vertaalde hij in het Grieksch (1558) en deze vertaling zond Melanchton aan den patriarch van Constantinopel, om voeling te verkrijgen met de Grieksche kerk. [ 24.

Dom of Domkerk is de naam, die gebruikt wordt voor groote of hoofdkerken, voor kerken, die door grootschheid van bouwkundigen aanleg uitmunten, zooals de Dom te Utrecht en de St. Janskerk te 's Hertogenbosch. Het woord is afgeleid van het Latijnsche „Domus" (d. i. Huis), welke benaming reeds in de vroege Middeleeuwen voor „Godshuis" gebruikt werd. Dom beteekent dus eigenlijk Godshuis. Meestal is er een kapittel van domheeren of kanunniken aan verbonden, aan welks hoofd een proost en deken staan. In vervolg van tijd werd in plaats van „domkerk" ook de benaming „munsterkerk" gebruikt (afgeleid van „monasterium" d. i. klooster), hetgeen eigenlijk kloosterkerk beteekent. [ 33.

D. O. M. De beginletters van de woorden Deo Optimo Maximo, d. i. Aan den besten, I hoogsten God. Deze letters worden dikwijls aangetroffen op inschriften van grafmonumenten, gedenkplaten e. d. [ 33.

Domela Nieuwenhuis (Ferdïnand), werd geboren 1846 te Amsterdam en was eenl broeder van den in 1859 geboren hoogleeraar Ij in het strafrecht, Jacob Domela Nieuwenhuis. 1 Ferdinand Domela Nieuwenhuis studeerde in de theologie, werd in 1870 Luthersch predikant te Harlingen, 1871 te Beverwijk, 1875 te 's Gravenhage. In dien tijd begon hij zich steeds duidelijker te openbaren als aanhanger van het socia- I lisme, legde in 1879 zijn bediening neer en werd II het hoofd van de meest links staande arbeidersbeweging. Hij richtte in datzelfde jaar op het I blad Recht voor Allen, dat hij soms, achtervolgd I door een groote schare straatjongens en in het oog gehouden door de politie, ventte in den straten van Amsterdam. Reeds in 1878 was I onder leiding van Domela Nieuwenhuis opge- ( richt de Sociaal-Democratische Vereeniging, welke I het program van Gotha aanvaardde en zich daar- I mede richtte tegen het Nederlandsche Werklteden-VÊ verbond, dat den socialistischen weg niet wilde I betreden. Met eenige andere socialistische ver- I eenigingen verbond zich de vereeniging in 1881 tot den Soctaal-Democratischen Bond, welke in 1883 I de beschikking kreeg over Recht voor Allen.

In 1886 werd Domela Nieuwenhuis wegens I majesteitsschennis tot één jaar gwangenisstrafli veroordeeld, hetwelk aanleiding gaf tot het toen I bekende straatdeuntje: „Nieuwenhuis moet zak- I kies plakken, hi, ha, ho". Een en ander teekent, hoe de stemming van het zeer Oranjegezindeffli publiek was tegenover Domela Nieuwenhuis. In 1888 werd Domela Nieuwenhuis door het district» Schoterland afgevaardigd naar de Tweede Kamer, de koning heeft toen niet in persoon de zittingll der Staten-Generaal geopend. In 1894 vieljl Domela Nieuwenhuis tegenover Treub. Na dien I tijd ging hij al meer den revolutionairen weg I op, men kan ook zeggen het revisionisme won I bij de socialisten aan invloed. In 1891 werd op I het internationaal Congres te Brussel verworpen I een motie van Domela Nieuwenhuis om den I soldaten dienstweigering aan te bevelen. Boven- I dien waren velen ontevreden over het optreden I van Domela Nieuwenhuis, dat men te eigenmachtig vond. Op de jaarvergadering van den I Sociaal-Democratischen Bond in 1891 te Am- I sterdam trad F. van der Goes openlijk tegen 1 Domela Nieuwenhuis op en verweet hem het verkleinen van de parlementaire actie. Het ge- I volg was, dat Domela Nieuwenhuis werd ge4| royeerd als lid van de Amsterdamsche afdeeling. I Hier ligt de oorzaak der scheuring, die tot op 1 heden voortduurt tusschen socialisten, com- I munisten en revolutionaire socialisten. Domela I Nieuwenhuis verloor door dezen strijd veelvanjl zijn invloed. Toch is en blijft hij de man aan wien de socialistische beweging haar opkomst heeft te danken. Feitelijk is Domela Nieuwenhuis gebleven, die hij was, doch hebben de socialisten zich al meer van het Marxisme ver- j wijderd. Domela Nieuwenhuis overleed 18 November 1918. De revolutionair gezinden hebben