is toegevoegd aan uw favorieten.

Christelijke encyclopædie voor het Nederlandsche volk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IGNATIUS

7

verteerden, onttrok aan Ierland een belangrijk deel van zijn opbrengsten; daarbij kwam in 1845 een mislukking van de aardappeloogst, die een groote hongersnood tengevolge had, welke weer emigratie naar Amerika veroorzaakte. De Ieren, naar Amerika verhuisd, steunden de actie in hun vaderland, die spoedig de negatieve leus van Repeal (herroeping) veranderde in de positieve van Home Rule (zelfregeering). De tweede helft der 19e eeuw was voor Ierland een tijdperk van groote onrust. Onder leiding van Parnell, Protestant, deed de partij der Fenians, die Home Rule voor hun vaderland wilden, wat ze kon om de Engelsche regeering te dwingen aan hun eischen te voldoen. Gladstone wilde hun tegemoet komen, maar 't was hun niet genoeg, wat hij deed, eindelijk wist hij in 't Lagerhuis een Home-rule-wet er door te krijgen, maar 't Hoogerhuis verwierp die. Verschillende concessies verkregen zij: in 1903 bv. door de Landact, die de regeering in staat stelde aan de Iersche pachters op voordeelige voorwaarden land te geven. In 1906 wonnen de liberalen en Ieren den verkiezingstrijd, en toen moest de minister Asquith wel het voorstel tot Home Rule indienen. De tegenstand van het Hoogerhuis werd gebroken, in 1913 kwam een nieuw voorstel, Home Rule aan Ierland te geven in 't Lagerhuis. Deze gang van zaken verontrustte het Protestantsche Ulster, dat overstemming en onderdrukking vreesde van de groote Roomsch-Catholieke meerderheid en een eigen zelfstandig parlement wilde. Het uitbreken van den wereldoorlog (1914—1918) deed deze zaak rusten. Echter rustte de agitatie niet. Duitschland maakte er handig gebruik van om Engeland moeite te bezorgen. Herhaaldelijk is er sprake geweest van eeji inval om een op uitbreken staande opstand te steunen. Een nieuwe radicale partij ontstond: de Sinn Feiners, die niet wachten wilde, tot het Engelsche Parlement had toegestemd in een afscheiding, maar die afscheiding voor zich als een voldongen feit beschouwden. 21 Januari 1919 werd op een Sinn Fein-conventie te Dublin de nationale onafhankelijkheid geproclameerd, de Iersche republiek uitgeroepen en de terugroeping geëischt van het Engelsche garnizoen. De Valera was de leider. Een andere leider, Mac Swiney, liet zich uit protest tegen zijn gevangenschap, in een Engelschen kerker dood hongeren (1920). Politiemoorden op groote schaal hadden plaats, wat weer wraaknemingen van Engelsche zijde uitlokte. De Valera dreef zijn volgelingen tot de uiterste maatregelen van geweld aan. De guerilla heerschte in Ierland. In Juli 1921 kwamen De Valera en de Engelsche minister Lloyd George tot een begin van vergelijk. De laatste stelde voor: 1°. Home Rule voor Zuid-Ierland op den grondslag, waarop de overzeesche dominions deze genieten. 2°. Waarborgen voor Ulster. 3°. Belangrijke financiëele concessies. 4°. Regeling voor de gelijkstelling van de Noordelijke en Zuidelijke regeeringen. Lang hebben deze onderhandelingen geduurd, eerst 6 December 1921 kwam men tot overeenstemming. Ierland is thans verdeeld in twee republieken: de Vrijstaat en Ulster. In den Vrijstaat

raakte men het gestook van De Valera, die het land in voortdurende onrust hield, moe. Hij werd eindelijk genoodzaakt het land te verlaten. Met Ulster werd men het er niet zoo spoedig eens over de grensscheiding. Eerst in dit jaar 1926 schijnt er een oplossing voor gevonden te zijn. [ 46.

Ignatins. I. Ignatius met den bijnaam Theoforos, bisschop van Antiochië, was een der apostolische vaders, die volgens de gewone gangbare meening in 107 onder Trajanus in Rome voor de wilde dieren geworpen werd (volgens anderen circa 138). Volgens de martelaarsboeken moet de keizer in eigen persoon bij gelegenheid van diens verblijf in Antiochië aan Ignatius diens vonnis aangezegd hebben, maar dat berust niet op voldoende gronden. Waarschijnlijk is Ignatius als voorganger van een verboden samenkomst door den Syrischen proconsul veroordeeld. Daarna is hij naar Rome gevoerd, waar hij in het amphitheater den marteldood vond. Over zijn brieven is veel geschreven. In 1560 meende men 15 brieven van Ignatius gevonden te hebben. In 1640 vond men er zeven, die ongetwijfeld echt zijn. Ze werden geschreven aan Efeze, Tralies, Magnesia, Rome, Filadelfia, Smyrna en aan Polycarpus. In zijn brief aan de Romeinen spreekt hij met groote voorliefde over het martelaarschap. De brief aan Polycarpus is een pastoraalbrief, waarin Ignatius zich doet kennen als een wel milde, maar toch ook krachtige persoonlijkheid. De andere brieven gaan over de eenheid der kerk, de voortreffelijkheid van het bisschopsambt, de verwerpelijkheid van de ketterij. Zeer breed uitgewerkt is de idee van het episcopaat. De bisschop neemt een gansch bijzondere plaats in onder de presbyters. Zonder zijn wil kon geen doop, avondmaal, godsdienstoefening, huwelijkssluiting plaats vinden. De bisschop is de drager van de eenheid der kerk. De ketterij, welke Ignatius bestrijdt, is het Docetisme.

II. Ignatius van Constantinopel, aldaar patriarch, geboren circa 790, was de zoon van keizer Michael I. Leo de Armeniër, die Michael den troon ontroofde, ontmande Ignatius en wierp hem in een klooster. Daar kwam hij langzamerhand tot de waardigheid van patriarch. Hij verkreeg die waardigheid in 847. Hij was een zeer gestreng boetprediker, die zijn waarschuwend woord vooral richtte tegen het hof, bijzonder tegen Caesar Bardas. Dat bewoog Michael III hem in 858 te verbannen naar het eiland Terebinthus. In zijn plaats werd de geleerde Photius benoemd. Ignatius gaf zijn aanspraken op den patriarchalen zetel echter niet prijs, maar hij wendde zich tot den Roomschen Stoel om bemiddeling. Nicolaas I verklaarde zich, in tegenstelling met zijn omgekochte legaten, voor Ignatius. Nadat Michael door Basilius Macedo vermoord was (867) werd Photius verjaagd en Ignatius weder in eere hersteld, hetgeen feestelijk door een synode in Constantinopel {gevierd werd. Daar Ignatius ten opzichte van Bulgarije de aanspraken van zijn stoel tegenover dien van Rome verdedigde, geraakte hij weder met den paus in strijd (Hadrianus II). Die strijd was nog niet geëindigd, toen Ignatius stierf (878). In de Griek-