is toegevoegd aan uw favorieten.

Christelijke encyclopædie voor het Nederlandsche volk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

760

LYSTRA

hier niet met evenzoovele woorden gezegd, toch blijkt de prediking daar vrucht gedragen te hebben, zoodat er geloovigen gekomen waren. Eén van dezen zal Timotheus geweest zijn (Hand. 16 : 2), die ook wel zijn mishandelingen daar gezien zal hebben (2 Tim. 3 : 10—11), en misschien zijn ook zijn moeder Eunice en zijn grootmoeder Lois toen voor den Heere Christus gewonnen (2 Tim. 1 : 5). In Hand. 20 : 4 wordt gesproken van een Gaius van Derbe. Uit het goede getuigenis van Timotheus, door de broederen te Lystra en Iconium gegeven (Hand. 16 : 2), zullen we wel mogen afleiden, dat hij niet onwerkzaam geweest is bij den opbouw van de pas gestichte gemeente. Paulus en Barnabas zijn daarop van Derbe teruggekeerd over Lystra

en Iconium enz. naar Antiochië in Syrië (Hand.

14 : 21 v.v.), terwijl de apostel Paulus een derde maal Lystra heeft bezocht, n.m.1. op zijn tweede zendingsreis, met Silas, toen hij van Cilicië uit door de Cilicische Poorten over Derbe reisde, en Timotheus als dienaar medenam (Hand.

15 : 40—16 : 3).

Van een synagoge wordt te Lystra niet gesproken, in onderscheiding van Iconium (Hand. 14 : 1) en Antiochië (Hand. 13:14). Hier zullen daarom waarschijnlijk niet veel Joden gewoond hebben. Misschien staat daarmede ook in verband het huwelijk van Timotheus' moeder met een heiden (Hand. 16 : 2). De gemeente alhier zal daarom ook wel voornamelijk uit geboren heidenen bestaan hebben. [ 7.