is toegevoegd aan uw favorieten.

Christelijke encyclopædie voor het Nederlandsche volk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

308

NARDUS

vestigd. Oostenrijk sloot den vrede van Presburg (nog in 1805), waarbij Frankrijk in het bezit kwam van Venetië, Istrië en Dalmatië. Napoleon kon nu in verschillende van hem afhankelijke gebieden familieleden als vorsten aanstellen, b.v. Lodewijk Napoleon in Holland (1806). In dat jaar sloot Pruisen na lang aarzelen zich bij Rusland aan: de vierde coalite-oorlog; maar bij Jena en Auerstadt werden de Pruisen verslagen. Napoleon rukte Berlijn binnen, de Pruisen trokken terug naar de Oostelijke grenzen; daar had in 1807 de slag eerst plaats bij Eylau, die onbeslist bleef; in Juni viel de beslissing bij Friedland. Bij den vrede van Tilsit moest Pruisen afstaan het land ten Westen van de Elbe, waaruit Napoleon het koninkrijk Westfalen voor zijn broeder Jeröme vormde. Tusschen het vernederde Pruisen en Rusland werd het hertogdom Warschau gesticht. Nog te Berlijn had Napoleon in 1806 het decreet uitgevaardigd, dat Engeland voor geblokkeerd verklaarde en allen handel met dit rijk verbood: het continentaal stelsel, later herhaaldelijk verscherpt, dat West-Europa dwong aan de zee, die eeuwen lang zijn belangen had gediend, den rug toe te keeren en een geheel nieuwe oeconomlsche orienteering te zoeken. Het continentaal stelsel is Napoleon noodlottig geworden: het ging in tegen de natuurlijke gesteldheid der landen en volken, maakte het verzet der laatsten gaande en dreef hem tot steeds hachelijker maatregelen, terwijl het zijn vijanden vermeerderde. Om Engelands invloed in Portugal te breken, werd aan dit land de oorlog verklaard, maar om het te bereiken moest Spanje worden geannexeerd. Hoewel Napoleon er enkele overwinningen behaalde, is het hem, dank zij den tegenstand der bevolking, gesteund door de Engelschen (Lord Wellington en de Erfprins van Oranje) niet gelukt er blijvend meester van te worden. Zijn tegenslagen verlevendigden den moed van Pruisen en Oostenrijk. Het eerste waagde nog geen strijd, met het laatste brak in 1809 de vijfde coalitie-oorlog uit. Wel behield Napoleon het slagveld, maar bij den vrede van Schönbrunn verkreeg hij niet al zijn eischen. Hij liet zich scheiden van zijn vrouw Joséphine en huwde met Maria Louise van Oostenrijk, die hem in 1811 een zoon schonk, den koning van Rome, als hertog van Rei chstadt in 1832 te Weenen gestorven. Al scheen het, dat hij nu stond op het toppunt van zijn macht, in werkelijkheid was deze reeds ernstig ondermijnd. Algemeen werd het ondervonden, dat de militaire dictator, die de anarchie der revolutie had beteugeld, tot steeds knellender tyrannie de toevlucht nemen moest om de stijgende ontevredenheid te onderdrukken. Een strenge censuur zoowel buiten als in Frankrijk moest de openbare meening den mond snoeren; waren het eerst de Jacobijnen, die den afvalligen Jacobijn bestreden, toen hij steeds autocratischer optrad, stonden alle republikeinen tegenover hem; de royalisten hoopten op zijn spoedigen val; zijn echtscheiding, door den paus afgekeurd, en zijn mishandeling van dezen, dien hij in Fontainebleau in gevangenschap hield, verwijderden de Roomsch-Catholieken van hem; dienaren, die hun opkomst aan hem te danken hadden, als Talleyrand, Murat

en Bernadotte, intrigeerden tegen hem, wapenroem moest zijn bewonderaars blijven verblinden en zijn trouwste vrienden snakten naar vrede. Zoo was het dus hoog spel, dat hij speelde, toen hij zich Rusland tot vijand maakte en den grooten veldtocht van 1812 ondernam. Wat een succes leek, bleek zijn ondergang: wel drong hij tot Moskou door, maar de brand van Moskou noopte hem tot den terugtocht; het zwaard der Russen en de Russische winter decimeerden zijn leger; het werd een catastrofe. Nog eenmaal wist hij in 1813 een leger bijeen te brengen; met schaarsch geëvenaard talent hield hij zich aan de Elbe staande tegen de Russen en de Pruisen, die met groot enthousiasme in den strijd hun vernedering van 1807 wreekten; de Oostenrijkers wisten hem door een wapenstilstand en onderhandelingen zoolang bezig te houden, totdat hun légers konden oprukken, en in den volkerenslag bij Leipzig, October 1813, werd hij verslagen. Hij moest terugtrekken naar Parijs, op den voet gevolgd door de Pruisen; de Engelschen rukten uit Spanje naar 't Noorden; de onderworpen volken, zooals de Nederlanden, wierpen het juk af en in 1814 moest hij, daar de senaat in Parijs, onder leiding van Talleyrand, koos voor de Bourbons, afstand doen, waarna hem Elba als verblijfplaats werd toegewezen. Het volgend jaar wist hij te ontsnappen, nog eenmaal wist hij een schare bewonderaars te bezielen, maar door de vereenigde legers van Engelschen, Nederlanders en Pruisen bij Quatrebras en Waterloo (Juni 1815), verslagen, moest hij zich overgeven in de handen der Engelschen, die hem naar St. Helena voerden, waar hij in 1821 overleed. Maar zijn geest, zijn invloed werkten lang na. De krijgskunde beheerschte hij tot na 1870. Frankrijk dankt aan hem de eenheid van wetgeving door de codificatie van het Burgerlijk, handels- en strafrecht. Door de invoering van de Fransche wetboeken bewerkte hij de receptie van het Fransche recht, b.v. in ons land. Het concordaat met den Paus van 1801, dat de Fransche Roomsch-Catholieke kerk onder de staatsmacht bracht, bleef van kracht tot 1905, de Protestantsche kerk maakte hij eveneens tot onderdeel der staatsmachine. Het verlicht despotisme van onzen koning Willem I was sterk Napoleontisch gekleurd, het liberalisme in Europa tot omstreeks 1870 was de erfgenaam van zijn ideeën; de Napoleon-vereering, die in Frankrijk na zijn dood ontstond, deed de Napoleon-idee nog eens in zijn veel minder begaafden neef Napoleon III herleven. Ofschoon hij zelf tegenover het Christendom niet vijandig stond, zijn er in hem door zijn revolutionaire afkomst en zijn ongebreidelde eerzucht ongetwijfeld antiChristelijke tendenzen. [ 46.

Nardus, Hebreeuwsch nerd, Perzisch nard, een welriekende specerij, welke hooggeschat werd (Joh. 12:3, vgl. Hooglied 1 : 12; 4: 13). Het was een soort olie, die gedistilleerd werd uit de Indische Valeriana Oatamansi. In het Zuiden van het Himaiayagebergte vindt men de plant, in het wildgroeiende. Tarmo was vroeger de plaats, waar de beste Nardus-olie vervaardigd werd. Vandaar werd ze in albastenflesschen in den handel gebracht. [ 24.