is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit het leven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het geschenk. Ook zij begon te gelooven, dat de I spekulatie schitterend zou gelukken, en door dit geloof was zij minder onaangenaam voor Jan Zomer. Zij kon hem nu in huis dulden, en zij gaf hem zelfs, toen hij een jas noodig had, een ouden duffel van Krijns, die voor het magere, uitgedroogde lichaam van Jan Zomer echter veel te wijd was, zoodat hij er letterlijk in zwom.

Maar er kwam een donker wolkje aan den zonnigen hemel van Krijns' geluk.

Op een avond dat hij, „om voor den regen te schuilen", in een herberg ging zitten, werd hem door een konkurrent, dien hij daar aantrof, medegedeeld, dat ze in Duitschland voornemens waren aardappelen naar Holland te zenden. Krijns haalde niet een minachtenden lach de schouders op. „Mijn I God, wie had daar nu ooit van gehoord, dat duitsche aardappels-hier zouden gegeten worden; «laar was veel te weinig voedsel in voor een hollandsche maag. Ze vulden nog niet eens." | „Maar heb je ze dan wel eens gezien," zeide de ander, „ik heb juist een monster bij me."

„O nee, laat dat tuig maar rusten^" antwoordde Krijns. „Ik ken ze wel; ze kunnen bij een meeligen brielschen of gelderschen aardappel toch niet halen."

I Eenige weken later las Krijns in de Courant, dat er eenige wagons duitsche aardappels waren | ingevoerd, en dat deze, wat kwaliteit aanging, met het hollandsche product konden wedijveren. I Krijns lachte er om. Waarom zou hij zich ook

[^rerontrusten: de oogst was in Holland verre beneden 97 Uit het leven. 7

97