Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6

MET Hr. Ms. K XIII NAAR NED.-IND1E

Doch het is niet om daaraan uitdrukking te geven, dat ik met genoegen de pen opneem om dit voorbericht te schrijven. Het is omdat er iets te zeggen valt, wat in het boek zelve niet gezegd wordt; en wat gezien de persoonlijkheid en de positie der schrijvers, ook niet verwacht mag worden, dat gezegd zou worden.

Het betreft een warm gemeend woord van hulde en waardeering tegenover alle opvarenden voor wat met en tijdens deze reis gepresteerd is en daarnaast een woord van groote erkentelijkheid tegenover diegenen, die deze reis en de wetenschappelijke waarnemingen aan boord hebben mogelijk gemaakt.

Het is vermoedelijk voor de eerste maal, dat een buitenstaander gedurende zoo langen tijd met onze marine heeft meegeleefd en dat in een zoo nauwe aanraking, als het leven aan boord van een onderzeeboot uit den aard der zaak met zich medebrengt. Deze kennismaking met onze Nederlandsche Marine is voor mij steeds een zeer aangename geweest, niet het minst ook omdat zij mij een hoogen dunk van haar heeft doen opvatten. Het heeft mij nu* zoowel als tijdens mijn eerste reizen met Hr. Ms. K II en Hr. Ms. K XI steeds getroffen hoe goed zoowel de officieren als de onderofficieren en manschappen voor hun taak berekend zijn.

Het ongeconvoyeerd over den oceaan brengen van een onderzeeboot, en dat in het bijzonder bij deze laatste reis met zijn enorme ononderbroken trajecten — eens van zeventien en eens zelfs van achttien dagen achtereen — levert inderdaad vele moeilijkheden op. Naast de gewone navigatie quaesties doen zich tal van

Sluiten