is toegevoegd aan uw favorieten.

Van vat in vat

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

7

Vreeselijk zal het voor eiken zondaar zijn, die uit zijn valsche rust opgeschrikt wordt, door het voltrokken Godsgericht, dat altijd ontzettend is. De dichter zong zoo juist:

Het heeft mijn ziel verschrikkingen gebaard, Ja zelfs is mij het haar te berg' gerezen,

Als ik op Uw gerichten heb gestaard; Uw oordeel, HEER', kan niet dan vreeslijk wezen.

Hoe velen zullen door dat vreeselijke gericht in hun valsche rust worden opgeschrikt. Als Moab. Die valsche rust wordt ons in den tekst geteekend. Die rust is het deel der onherborenen. Gansch anders is het met Gods volk; dat wordt van vat in vat wel geledigd; dat kent zijn banden, zijn strijd. Laten we dit niet vergeten als we luisteren naar wat Gods Geest ons te zeggen heeft door dit woord, dat spreekt van

Moabs rust,

I. in haar duur aangegeven;

II. in haar aard gekenschetst;

III. in haar oorzaak verklaard;

IV. in haar gevolgen geteekend.

Geest des Heeren Heeren, der ontdekking en vernieuwing, ledig ons van vat in vat en leidt ons tot de ware rust. Amen.

I

Moab is van zijn jeugd aan gerust geweest. Moab woonde ten oosten van de Doode Zee in zijn rust; de dood bij den dood, juist zooals het de eeuwen door aanschouwd is. 't Ia niet te hopen, geliefden, dat dit ons vreeselijk beeld is, want dan missen we nog het leven des Geestes, de wederbarende genade Gods. Ons natuurlijk leven is echter dat der valsche rust; we zijn aan Moab gelijk.

Door afstamming was Moab nog eenigszins aan Israël