is toegevoegd aan je favorieten.

De haven van Amsterdam en haar verbinding met de zee

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

n 1917 werd door Dr. M. G. de Boer, privaat-docent aan de Universiteit van Amsterdam, een plan uitgewerkt voor een uit meerdere deelen bestaand boekwerk over Amsterdam in de negentiende eeuw, waarin o.m. een uitvoerig overzicht zou worden gegeven van de ontwikkeling van handel en nijver¬

heid, alsmede van het geestelijk leven van Amsterdam in de laatste honderd jaar. Prof. Dr. H. Brugmans, Dr. Joh. C. Breen en Dr. M. G. de Boer namen de redactie op zich. Een eerecomité uit vooraanstaande stadgenooten werd gevormd. Doch de uitvoering van het grootsche plan moest door de groote stijging der drukkosten en de economische crisis, welke den oorlog volgde, achterwege blijven. X Het hierbij verschijnende boek was als eerste deel van deze publicatie gedacht. En het is een reden tot vreugde, dat althans het zoo uitermate belangrijke deel van Amsterdam's geschiedenis, dat kan worden samengevat onder den titel „De Amsterdamsche haven en haar verbinding met de zee", het licht ziet. Vooral nu het werd beschreven door een man als Dr. De Boer, die zich, gelijk steeds, ook weder in dit werk een nauwkeurig en onderhoudend geschiedschrijver toont. x Amsterdam's verbinding met de zee is de bron van zijn welvaart. Het is niet overdreven te beweren, dat het machtige, rijke Amsterdam van de zeventiende eeuw zonder het Noordzeekanaal zou zijn teruggevallen tot een doode, voor de wereld vergeten stad. Het zou inderdaad het lot hebben ondergaan van al het ondermaansche, dat opkomt, opbloeit en vergaat, gelijk Amsterdam's kooplieden in hun somber gesteld schrijven aan Willem I in 1825 zeiden voor de stad hunner inwoning te verwachten. x Door het Noordzeekanaal is Amsterdam herboren tot nieuw leven. De opening van dezen nieuwen toegang tot de zee bracht een opleving, welke den tijd onzer gouden eeuw evenaart. De scheepvaart der stad ontwikkelde zich met ongedachte snelheid. Een voortdurende uitbreiding der havenwerken werd noodzakelijk. De handel bloeide op, ja geheel de stad herrees uit den doodsslaap. Een boeiend hoofdstuk uit onze jongste geschiedenis! x Boeiend, doch niet in ieder opzicht roemrijk, althans niet wat het eerste gedeelte, de stichting van het Noordzeekanaal, betreft. x Wat al tegenwerking der Amsterdammers tegen ieder plan tot opheffing der stad uit haar verval! Welk een ongeloof, welk een gebrek aan durf en vertrouwen bij hen, die het meest bij een opleving van Amsterdam zouden zijn gebaat! Iedere verbetering schier moest aan de stad worden opgedrongen door hen, die verder zagen en met grooter opgewektheid en moed bezield waren dan de meerderheid harer bewoners. Steeds rezen bezwaren. Alle projecten werden ondeugdelijk verklaard, zonder dat iets positiefs er tegenover werd gesteld. Amsterdam toonde zich toen niet van zijn beste zijde. Er was niet veel overgebleven van de energie van Amsterdam's kooplieden, eertijds vermaard over geheel de wereld. x Des te meer bewonderen wij de kloeke mannen, die bleven strijden trots bespotting en

V