Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gevallen, nl. ziekte en overlijden. Men gevoelde, dat wanneer men arbeidsongeschikt werd, men die arbeidsongeschikten maar niet aan hun lot kon overlaten, doch dat er iets gedaan moest worden. En men zette heel primitief een ondersteuningsfonds in elkaar, dat voorzag in gevallen van ziekte en overlijden, op de wijze, als in 1490 gedaan werd door het Bakkersknechtengilde te Groningen, welk gilde eenvoudig weg zei, dat een zieke, zonder eenige nadere aanduiding wat onder een „ziekte" wordt verstaan, vanwege het Gilde werd ondersteund. Ik ben er evenwel van overtuigd, dat het Bakkersknechtengilde ook ondersteuning verleende ingeval van „ongeval" hetgeen ik opmaak, uit het feit, dat men bij de latere knechtsgilden over elke uitkeering sprak als „ziekengeld", ook al werd de uitkeering verleend voor een ongeval.

In de bepalingen van het Bakkersknechtengilde van 1490 werd niet, zooals in de knechtsrollen van lateren datum, gezegd, dat de bijdrage in het ondersteuningsfonds zooveel en zooveel zou bedragen, doch wel vinden we de bepaling, dat, wanneer iemand ondersteuning had ontvangen, hij het geld, zoodra hij genezen was, moest terugbetalen van zijn eerstontvangen loon

8

Sluiten