Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C. Indeeling blzz. 44 tot 45

Moedermaatschappijen ,,ad hoe", en andere. — Werkende- en niet werkende moedermaatschappijen.

D. Geschiedenis blzz. 45 tot 51

Algemeene Nederlandsche Maatschappij ter begunstiging van de Volksvlijt. — Omnium génévois. — Crédit Mobilier. — Oorsprong in de Vereenigde Staten.— Waarom eerst na 1889 opgekomen. — Voorloopers. — Verdere ontwikkeling. — Latere bloei in Europa. — Engeland. — Duitschland. — Andere landen. — Nederland.

E. Doeleinden blzz. 51 tot 59

Juridisch belang hiervan. — Rechts- en economische motieven. — Horizontale- en verticale concentratie. — Beperking van het kapitaalsrisico. — Speculatieve doeleinden. — Machtswellust — Bewaring van het nationale karakter der dochtermaatschappij. — Fiscale redenen. — Nationale eischen bij concessie's e. d. —

F. Voordeden blzz. 59 tot 61

Volledige winstgerechtigdheid, beperkte aansprakelijkheid. — Gemakkelijk te verkoopen. — Ondoorzichtigheid. — Lage oprichtingskosten. — Historische vorm blijft behouden.

HOOFDSTUK II. ALGEMEENE VRAGEN blzz. 62 tot 74

Economische eenheid. — Juridische zelfstandigheid. — Bezwaren tegen de one man's company. — Buitenlandsche verbodsbepalingen. — One man's company bestaanbaar. — Vereenzelviging van moeder- en dochtermaatschappij — Invloed der economische afhankelijkheid op de juridische zelfstandigheid. — Amerikaansche rechtspraak. — Duitsche rechtspraak. — Kan dit ook in Nederland ?

HOOFDSTUK III. HET ONTSTAAN DER

VERHOUDING blzz. 75 tot 86

Drie mogelijkheden. — Moedermaatschappij „ad hoe" mag niet als N. V. opgericht — De „leege" N. V. — Ontstaan der verhouding, als beide N. V.'s reeds bestaan. — Als moedermaatschappij opgericht wordt — Als dochtermaatschappij opgericht wordt. — Inhoud van prospectus der dochtermaatschappij. — Art. 40a Regeeringsontwerp 1925. — Inbreng. — De zetel der dochtermaatschappij. — Handelsregister.

HOOFDSTUK IV. DE WERKING DER

VERHOUDING blzz. 87 tot 165

A. De contróle blzz. 87 tot 112

Begrip. — Controle buiten de moeder- en dochtermaatschappijverhouding. — Vereischte meerderheid. — Hoe verkrijgt men de stemmenmeerderheid? — 1. Eigendom der aandeelen. Niet de volle meerderheid noodig. — Azt 54 W. v. K. — Vetorecht —

vin

Sluiten