is toegevoegd aan je favorieten.

De verlatene

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I

f||||||g!ET regende nog steeds al van vroeg^^^^^i ochtend af. Een luwe voorjaarsregen

1091^ was het> die het Mtende gebladert ^M^^ van de oude olmen langs den weg ak*1******» weldoend bedrupte en een verheugenis was voor de boeren. De kleine gele klinkertjes van net buurtje had hij schoon gespoeld, hier en daar klare plasjes vormend, waarin zich de hooge, bonte lucht spiegelde.

Vredig bedrijf ging om tusschen de lage, oude huisjes van het buurtje, die er zoo knus stonden weggescholen achter de knoestige olmen

Weduwe Punt hing over de groene onderdeur van haar antieke trapgevelhuisje, dat ze vroeger had verfoeid om het weinige gerief, maar waarop ze trotsch was, sinds in den zomer vreemde toeristen er belangstellend voor hadden staan kijken Ze praatte met juffrouw Wiedemans, de nieuwe overbuur, die altijd mopperde en zuur keek, want ze vond dat-'ze eigenlijk niet hoorde op het buurtje dat veel te mifi was, voor haar. Die stond in dé open deur van haar pronk-popperig nieuw huisje; twee rood-en-gele matjes, die ze uitkloppen ging, bungelden in haar neerhangende hand tegen het properbonte schort aan. De weduwe lag over haar onderdeur, 'tbleeke paars van haar verwasschen m* 7at !trak den strammen romp omkleedde, ,?UrV« teer boven het verschoten groen der deur uit. Daarboven weer blonk proper mutsewit rondom