is toegevoegd aan uw favorieten.

De lotgevallen van d'n ouweheer Dorus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die ambtenaren van 't Japansche goevernement - erge nette kerels waren dat - en die spraken- zóó fijn Hollandsen als echte aristocraten. Dat hadden ze, met de drukke vaart van ons land op Japan, in den omgang zoo geleerd.

Vier maanden hebben ze er liggen timmeren om dat wrak weer zeilree te maken. En in die dagen - 't was in 't jaar 60 — beleefden ze 'n aardbeving, met een storm gepaard, waarbij ze bijna die heele stad Nagasaki voor hun oogen hebben zien afbranden. Want 't waren allemaal houten huizen, met vensters van vloeipapier. - En in die zeemansbuurt, daar had je al die lange schuren staan, met kleine kamertjes, waar de meisjes van plezier dan maar gehurkt zaten bij d'r theestelletje. „Kettingbak", noemden de zeelui die loodsen. „Jó, ga mee na' de kettingbak." - Dorus weet niet hoeveel van die lieve meiden daar toen verbrand zijn - en:... hoeveel stuks vee!

66