is toegevoegd aan uw favorieten.

In de verstrooiing

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moesten ondervinden of het mogelijk zou zijn. In elk geval moest Calonder de kamer, waar hij nu huisde, niet weg doen. Hij kon zeggen, dat hij voor een maand de stad uitging.

Dien middag zaten Rudolf en Frits weer op dezelfde plaats. Er was nu orde in het atelier. Mathieu droeg het nationale kostuum, erfstuk van Bretonsche voorouders, eenkleurig pak van kostelijke stof, wit en zwart, een buis en weelderig geborduurd vest. Een breedgerande hoed met afhangende linten volmaakte het toilet. Zijn Keltische kop met het vlasblonde haar en kinbaard in dezelfde kleur paste daarbij, maar flauw was de neus en flauw waren ook de waterblauwe oogen. Hij zelf verklaarde de onmiskenbare decadentie in deze trekken uit de afstamming van een oud-adellijk geslacht,

Rudolf zat er bokkiger dan ooit bij. Zwijgend staarde hij grimmig voor zich uit, gereed bij het eerste woord, dat hem onaangenaam zou klinken, op te springen. Dit bracht Frits ertoe, zijn tegenwoordigheid te negeeren. Het gesprek ging futsluitend tusschen hem, Marguerite en Mathieu.

Toen Frits dien avond wegging was het ijs nog wel niet gebroken, maar scheen de dooi ingevallen te zijn.

53