is toegevoegd aan uw favorieten.

In de verstrooiing

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Wc praatten eigenlijk niet. Ik bedoel, we hadden niets te zeggen, 't Bleef ijl als een zomerwolk. We keken naar de lucht, terwijl de meisjes sprongen in de bocht. We zeiden, dat de zon prachtig onderging. Toen vertelde ze, met enkele woorden maar, van Edinburg. Haar moeder was een Schotsche, in Edinburg was ze grootgebracht. Maar de avond viel, ze moest met de kinderen naar huis, naar 't huis van haar „patroon". Een eindje gingen we samen de helling af. Ik sprak niet meer met haar, ik trok de kinderen aan de vlecht en vroeg hun, of ze meer daar speelden. Ja, geregeld kwamen ze er. Toen namen we afscheid, ik gaf de „goevernante" en de kinderen de hand. We keken elkander aan, we waren ernstig. Toen verdween ze.

— Op die plek heb je haar teruggezien ?

— Eenige keer en ben ik er terug gekomen. Eens heb ik haar nog gezien op dezelfde bank. Toen was ze met een ander, een dame, ik weet niet wie. Ik ben voorbijgeloopen, ik heb haar uitdrukkelijk gegroet ten teeken, dat ik haar niet vergeten was. Omstandig heeft ze mijn groet beantwoord.

— Verder.

— U denkt, dat ik heb nagevraagd. Laura knikte bevestigend.

— 't Is waar...

— 't Is heel natuurlijk.

— Mijn gegevens waren vaag. Ze heeft veel gezworven. Tegenover elkaar bleven ze zwijgen aan het lage venster,

dat tusschen de bergen op een oneindigheid van blonde halmen uitzag, waar het eerste, versche lentegroen door kleurde. De aan weerskanten en heel ver vóór hen wijkende steilten droegen de zwaarmoedigheid van dichte dennebosschen, die

66