is toegevoegd aan uw favorieten.

Izdubar

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

glimlachende op zijn bedde neêr.... en zooals ik voelde in mijne ziel, zeker mijmerende over veel, dat ons nog niet bekend werd.... En glimlachende, Izdubar, is Heabani toen gestorven.... Hij glimlachte zoo, weemoedig, alsof hij vergiffenis voor zijn afscheid vraagde, doch die glimlach, mijn man, zei ons meer dan alle woorden.... even slechts heeft hij gesproken.... „Groet Izdubar...." zei hij zacht, terwijl hij glimlachende mijn hand nam en ons kind over zijne dunne lokken teeder streelde.... doch wees niet boos, Izdubar, dat bij zoo weinig sprak, want in die woorden hoorde ik klanken uit eene waereld van liefde, zooals wij die niet kennen. Nog hoor ik hem en bevend huiver ik van weemoed en ontroering, die ik zelve niet begrijpen kan. Zacht zuchtte hij toen zijnen laatsten adem uit, en was van ons heengegaan.... Doch geene rust nog kon de moede vreemdeling vinden, want in een volgenden nacht verscheen hij mij.... of wat zijn schim was.... als glas doorzichtelijk.... bleek verschijnend in de nachtelijke, maanlichtblanke kamer.... en zoo zacht, luidloos bijna, dat ik nauw haar hooren kon, klonk toen zijne stem:

Geen rust, Yvelene, kon ik vinden nog in geenerzijdsche waereld.... Weinig erbarmen hebben met mij de goden.... dier ben ik, noch mensch... -

172