is toegevoegd aan uw favorieten.

Thoukudides' Navorschingen : de Peloponnesische oorlog van 431 tot 411 voor C. in acht boeken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

43

wanorde en mee te deelen dat zij de zaak wel gunstig inzagen, maar toch hun voornaamste hoop hadden gevestigd op hun hulp te land en ter zee tegen den vijand, daar ook de Atheners met nog een expeditie verwacht werden, en dat als zij maar vóór de komst daarvan de aanwezige strijdmacht hadden verdelgd, het met den oorlog uit zou zijn. Zoo was de stand van zaken op Sikelia.

26. Inmiddels was het leger, waarmee Demosthenes naar Sikeh^mojast-trekken, verzameld ; hij lichtte anker van Aigina, zette koers naar de Peloponnesos, vereenigde zich met Charikles en de dertig schepen der Atheners en nadat zij de hopliten der Argeïers aan boord hadden genomen, zetten zij koers naar Lakonika. Eerst stroopten zij een gedeelte van het gebied in Epidauros Liméra af, vervolgens landden ze op de kust van Lakonika, tegenover Kuthera, daar, waar de tempel van Apollo is; ze plunderden sommige streken van het land en sloten een soort van landengte met een muur af, om een plaats te hebben, waarheen de Heloten van de Lakedaimóniërs konden overloopen en van waar tevens vrijbuiters evenals uit Pulos op roof konden uitgaan. Demosthenes voer terstond na het nemen van de plaats door naar Kerkura om ook van daar bondgenooten mee te nemen en dan langs den snelsten weg naar Sikelia over te steken. Charikles bleef daar tot de voltooiing van den muur, vervolgens het hij daar een bezetting achter en vertrok wat later zelf met dertig schepen naar huis, de Argeiërs evenzoo.

27. Ook kwamen in dien zelfden zomer van den Thrakischen stam der Dioi, die korte zwaarden dragen, dertien honderd peltasten te Athene; dezen hadden met Demosthenes naar Sikelia mee moeten gaan. Maar nu

Demosthenes op weg naar

Sikelia.

27—28. Toestand te Athene.