is toegevoegd aan uw favorieten.

Thoukudides' Navorschingen : de Peloponnesische oorlog van 431 tot 411 voor C. in acht boeken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

125

als te voren; met een deel ervan hielden zij de wacht bij den uitgang en verder overal rondom langs de kust van de haven om van alle kanten tegelijk den Atheners op het lijf te kunnen vallen en ook opdat het landleger hun tevens zou steunen waar maar hun schepen aan land mochten komen. Bij de Surakosiërs voerden bevel over de vloot Sikanos en Aeatharchos. elk van beiden over een vleugel van het geheel, terwijl Puthen en de Korinthiërs het^midden hadden. Zoodra de Atheners op de versperring stieten, overwonnen zij bij den eersten aandrang de daar gestationneerde schepen en zij beproefden de afsluitingen los te maken; maar toen daarna van alle kanten de Surakosiërs en hun bondgenooten op hen aan stevenden, werd er niet meer alleen bij de versperring gevochten maar in de gansche haven en deze slag overtrof al de vorige in nêvïgheid. Groot was aan beide kanten de ijver der schepelingen om telkens als daartoe bevel gegeven was er op in te roeien; groot was ook de vaardigheid der stuurlieden in het uitoefenen van hun kunst en de wedijver onder elkander; ook de opvarenden spanden zich in telkens als het ééne schip op het andere was geloopen, om bij het dekgevecht niet onder het peil van de overige bedrevenheid te blijven; een ieder beijverde zich in zijn eigen tak van dienst het uiterste te leveren. Toen dan zooveel schepen in zoo'n kleine ruimte op elkaar waren gebotst, — want nog nooit hadden er zooveel "Schepen iir ztlïk een kleine ruimte met elkaar slag geleverd, immers het scheelde niet veel dat het er bij elkaar twee honderd waren, — werd de manoeuvre van net achter-uit roeien en dan plotseling wenden maar / zelden uitgevoerd; veelvuldiger kwamen de botsingen voor telkens als één schip op een ander liep of door de vlucht of do r een andere oorzaak. Zoolang een schip bezig was te naderen maakten de soldaten op de dekken