is toegevoegd aan uw favorieten.

Thoukudides' Navorschingen : de Peloponnesische oorlog van 431 tot 411 voor C. in acht boeken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

39

in dezelfde mate, waarin hun stad vooruitging, haar naar des te vaster regelen bestuurden. Zelfs ook wat betreft de losscheuring van Athene, voor het geval dat men mocht vinden, dat ze daarin min of meer onbezonnen hebben gehandeld, bedenke men dat zij daartoe niet eerder zijn overgegaan dan nadat zij zich verzekerd hadden die te zamen met vele betrouwbare bondgenooten te zullen wagen en toen zij bemerkten dat de Atheners na den ramp van Sikelia, zelf niet eens meer ontkenden, dat hun zaak zeer slecht stond ,* en indien zij het onderspit dolven in een van die omstandigheden in 't menschelijk leven, die alle berekening logenstraffen, dan hebben ze die dwaling gedeeld met vele anderen, die evenzeer dachten dat de zaak der Atheners dicht bij hare geheele omverwerping stond. Daar zij nu van de zee waren afgesloten en hun land verwoest werd, waren er enkelen, die het •plan maakten de stad aan de Atheners over te geven; toen de overheid hiervan kennis kreeg, hield zij zelve zich rustig, maar zij liet Astuochos, den vlootvoogd, met vier schepen, die hij bij zich had, terug komen uit Eruthrai en ze hielden overleg hoe zij op de bezadigdste manier, hetzij door het nemen van gijzelaars of door een ander middel een eind konden maken aan de samenzwering. Zoo stonden de zaken daar.

25. Op het eind van dezen zelfden zomer is uit Athene te Samos aangekomen een legermacht, bestaande uit duizend Atheensche hopliten en vijftienhonderd Argeische, [de vijfhonderd Argeiërs, die slechts lichte wapenrustingen hadden, waren door de Atheners van zware wapenrustingen voorzien] en duizend der bondgenooten onder bevel van Phrunichos, Onomakles en Skironides op acht-en-veertig schepen, waarvan sommige transportschepen voor hopliten waren. De troepen staken toen over naar Miletos en sloegen