is toegevoegd aan uw favorieten.

Schriftcritiek en schriftgezag

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

52

Wie zich vergevorderd en diep ingeleid waant in het geestelijke leven, maar voor zijn bevinding geen grond vindt in de Schrift, die keert zich tegen het Woord en toont door onheilige geesten geleid te worden, die hem ten verderve voeren, tenzij genade tusschen beide komt.

Doch wie beleven leert, wat de Schrift leert, wordt door Gods Geest zaligmakend bearbeid. Zoovelen er door den Heiligen Geest geleid worden, die zijn kinderen Gods. Die Geest is de Auteur der Schrift. Die Geest leidt ons dan naar Eden om ons te leeren hoe heerlijk we geschapen werden en hoe diep we zijn gevallen. Door God gedagvaard en levendig staande in onze ellende, worden we vertroost met de rijke belofte van het Evangelie. Onze ziel leert dan geloovig uitzien naar de vervulling dier belofte; naar de bevindelijke komst van Christus in ons hart. Hoe rijk is dan het Oude Testament voor de zielen, die naar de vervulling der belofte uitzien. Die Geest werd uitgestort, maar geeft ook Pinksterfeest in de ziel. als Hij het hart vervult en de aanneming tot kinderen geeft te genieten. Die Geest leert dan ook bidden: Kom Heere Jezus! De Geest en de Bruid zeggen: Kom!

Zoo leidt Hij naar het Woord.

Nooit kunnen we bedrogen uitkomen, wanneer die leiding de onze is.

Maar al wat daar buiten staat, leidt ons ten verderve.

Wij zijn op weg naar de eeuwigheid; naar Gods gericht. Wij jleven eens. Niemand spele met den tijd der genade. Niemand verderve zijn ziel. Laten we ons niet misleiden. Leeren we ons huis op den Rotsgrond bouwen, waar we bij storm en regenvlagen rustig kunnen zingen:

Maar Heer', Gij zij t nabij, Gij ziet mij aan, De waarheid is aan Uw geboón verbonden;

Ik wist van ouds reeds uit Uw Woord en daan Dat at, wat Gij getuigt hebt, ongeschonden

En vlekkeloos voor eeuwig zal bestaan Gevestigd op onwankelbare gronden.

Gedenk aan 't Woord gesproken tot Uw knecht, Waarop Gij mij verwachting hebt gegeven;

Dit is mijn troost, in druk mij toegelegd; Dit leert mijn ziel U achteraan te kleven;

Al 't geen Uw mond aan mij had toegezegd. Gaf aan mijn.'hart vertroosting, geest en leven.