is toegevoegd aan uw favorieten.

Indonesische en Indische democratie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

244

tropische land heeft willen overbrengen1). Van den Berg*) wenschte bij de regeling van waterbelangen in Indië „niet een kopie, van wat in Nederland bestaat," maar iets specifiek Indisch, zich aansluitende bij hetgeen in Indië wordt gevonden."

Zoo ook Hulshoff Pol, die vraagt om het herstellen van Oostersche regeeringsvormen bij een Oostersch volk, al wil hij dit ook doen door middel van de in modernen geest vervormde sultanaten *).

Ten slotte — om deze reeks citaten met een vuurpijl te besluiten — Mr. Heslinga: „Democratie, zooals men die in Holland voor Indië propageert, is funest en zal de oorzaak worden van het verloren gaan onzer koloniën" *).

3e) Begrijpelijk is het, dat zij, die voorstanders zijn van een democratische ontwikkeling van Indonesië, doch onbekend zijn met het bestaan eener Indonesische democratie, telkens weer Westersche democratische instellingen naar het Oosten trachten over te planten. Ook door personen, die zulks beter dienden te weten, wordt telkens verklaard, dat in Indië geen democratie bestaat, maar dat het een en al autocratie en despotie is.

Zoo nog onlangs Mr. Joekes volgens het verslag van een rede: „In Insulinde is democratie langen tijd een vreemd begrip geweest. Wel is waar had men er de desabesturen enz., doch in wezen was dit land steeds bureaucratisch en autocratisch in het quadraat" '). In den zelfden geest Ritsema van Eek: „De bevolking zelve was in hooge mate aan hare hoofden onderworpen". „En wanneer het Nederlandsch gezag soms een tyranniek en despotisch karakter kon dragen, dan was dit slechts mogelijk, doordat het gezag der hoofden een nog veel tyrannieker en despotieker karakter vertoonde"6). En laatstelijk Dr. Moresco: „Geen dier (Europeesche bestuurs)vormen (als vertegenwoordiging of parlementair stelsel) werkt geheel op dezelfde wijze als in West-Europa, maar iets beters hebben noch de Aziatische volken, noch hun Europeesche voorlichters kunnen vinden" *)

*) Van Blankensteijn, Suriname, 1923, blz. 132. ') Handelingen le Kamer 1917/18, blz. 774.

s) Het recht van den Inlander op zelfregeeren en zijn economische ontwikkeling, 1922.

*) Indische Gids, 1922, II, blz. 710 .overgenomen uit het Algemeen Handelsblad.

s) N.R.C. 24 Maart, 1922, Ochtendblad B.

e) De Gids, 1918, II, Het Nederlandsch gezag in Indië.

7) Koloniale politiek 1924, blz. 44.