is toegevoegd aan uw favorieten.

Overzicht van de internationaalrechtelijke betrekkingen van Nederlandsch-Indië (1850-1922)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

204

B. TWEE- OF MEERZIJDIGE REGELING.

Geval No. 497.

onderzeesche kabelverbindingen met de koloniën in Azië, van 24 Juli 1901.

Brieven van 6 December 1904,15 Augustus 1904 en 16 November 1904.

Door beide Regeeringen zal aan eene op te richten Duitsch-Nederlandsche Vennootschap gedurende 20 jaren eene subsidie worden verleend van 1.400.000 Mark per jaar, waarvan 375.000 Mark ten laste van de Ned. Regeering, voor het totstandbrengen en exploiteeren van kabelverbindingen tusschen Menado, de Duitsche Palau-eilanden en Guam of een ander voor aansluiting geëigend landingspunt van den van San Franéisco naar de Philippijnen ontworpen Amerikaanschen Pacifickabel en tusschen de Palau-eilanden en Shanghai. Blijkens de Ned. wet van N. S. 1902 : 123 komen de uit dit tractaat voortvloeiende uitgaven voor de helft ten laste van de Staatsbegrooting, en voor de wederhelft ten laste van de begrooting van Ned. Indië.

Den 19 Juli 1904 werd te Keulen opgericht de „Deutsch-Niederlandische Telegraphengesellschaft". Als Ned. Regeeringscommissaris werd benoemd de Administrateur bij het Dep. van Koloniën J. Th. Viehoff, als pl.v.v. de hoofdingenieur der Telegrafie A. E. R. Collette.

De kabel kwam tot stand in 1906. (Menado-iYap-Guam, met zijtak naar Shanghai). Voordien was voor Ned. Indië telegraafverkeer alleen mogelijk via Singapore of via de kabels van de Eastern Extension.

Tengevolge van de gebeurtenissen van den wereldoorlog kwam de kabel in Engelsche handen en werd buiten werking gesteld. Toen bleek hoezeer Ned. Indië gemis had aan een eigen internationale kabelverbinding. Men vergelijke het pleidooi van Mr. Dr. A. Heringa in diens „Electrisch Wereldverkeer" voor neutraliseering der internationale telegraaflijnen, en het streven naar radio-telegrafische verbindingen.

Bij annex VII van art. 244 van het Verdrag van Versailles deed Duitschland afstand van alle rechten op de kabels Yap—Shanghai, Yap—Guam en Yap—Menado. Daar deze echter eigendom waren van eene gemengde Duitsch-Nederlandsche Maatschappij, kon de Duitsche Regeering daarover niet eenzijdig beschikken en werd alzoo inbreuk gemaakt op de rechten van Nederland. Eerst op de PacificConferentie te Washington (November 1921) werd eene bijzondere schikking getroffen ter waarborging van de Ned. belangen.

1. Betreft speciaal Ned. Indië.

2; Neen.

3. —.

4. Arbitrageclausule. (Art. 7).

5. Neen. Zie boven.