is toegevoegd aan uw favorieten.

Het boek der duizend vragen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1687 '), het „Boek der Duizend Vragen" bekend was. Wij zullen ons dit feit moeten herinneren, als wij in het volgende hoofdstuk de herkomst van den Maleisehen tekst nagaan.

Het andere Perzische hs., dat mij wèl ten dienste heeft gestaan, bevindt zich in de Pruisische Staatsbibliotheek te Berlijn 2). Het is een deel der madjmTfa Nr. 27, die zes stukken van allerlei aard omvat; het beslaat daarin fol. 104^—1490, en is geschreven in niet overfraai naskhi-schxiït. Aan het slot staat het jaartal 1238 H. (1822 n. Chr.) te lezen. Het is dus vrij jong, en, dat ook de inhoud geen oude recensie vertegenwoordigt, blijkt uit eene vergelijking met die teksten welke wij als de oudste hebben leeren kennen.

Het opschrift luidt, na de basmala: Oyii—i o^ De aanhef is: & &\ Ju». ^L,_j <Jc «1 x^f- (S^j ■z>Jj»- £<*\t ** -èS^ o}* h waarop, in het Arabisch, de brief volgt dien Mohammed aan cAbd Allah zou geschreven hebben 3). De brief, te bestemder plaatse aangekomen, geeft aanleiding tot een twistgesprek tusschen cAbd Allah en de Joden, hetwelk hiermede eindigt, dat cAbd Allah duizend vragen, uit Taurat, Indfil, Zabür saamgelezen, aan Mohammed zal mogen voorleggen. Met zeven honderd Joden reist cAbd Allah naar Medina. Intusschen heeft Djibrïl den Profeet verwittigd van de komst der Joden en hem op de duizend vragen die hem wachten, voorbereid. Als eAbd Allah zijne opwachting maakt, beantwoordt Mohammed zijne begroeting slechts met den wedergroet uit Kor. 20 v. 49 4). Met bijstand van Djibrïl, Mïkall en Israfïl zal de Profeet cAbd Allahs vragen beantwoorden 5). Het vragen begint.

Tot dusverre levert de Perzische tekst nog geen vérstrekkende afwijkingen op. De inleiding, vergeleken met de oudere Arabische, blijkt eensdeels te zijn ingekrompen, anderdeels met eenige nieuwe legendarische gegevens te zijn verrijkt. Nieuwe motieven

1) Zie de History of India, cdited by A. V. William fackson, Vol. IV by S. Lane-Poole, Lond. [1906], p. 109 seq., 159—163.

2) Die Handschriften-verzeichnisse dar Kgl. Bibliothck zu Beriin, Bd. IV, Verzeichniss der persischen Handschriften von W. Pertsch, Berl. 1888, S. 75.

3) Zie hiervóór, blz. 42 vlg.. 4) Zie hiervóór, blz. 41. 5) Hs. Berl. fol. 105b—106a.