is toegevoegd aan uw favorieten.

Het adatrecht van Bali

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

451

(ook in Kloengkloeng?)1), mogen nochtans worden bezwaard tot een bepaald bedrag en voor bepaalde doeleinden, t. w. huwelijk, doodenfeest en tanden vijlen 2).

Bij verpanding van petjatoe's wordt de pandhouder voor de diensten aansprakelijk. Zij vererven op den naasten erfgenaam zonder petjatoe; blijft een weduwe achter met een onmondigen zoon, dan nemen de bandjarlieden de diensten van dat kind waar (tapoek) en blijft eene weduwe achter zonder sentana, dan kan zij er een zoeken8).

Onder overdracht van grond kan men ook schikken het „nandoe tanah", het bevloeibaar maken van iemands droge gronden, onder beding, dat de aannemer van dat werk de helft van den grond voor zich zal ontvangen4). Het inlandsch bezitrecht gaat te niet door den grond ongebruikt te laten, waardoor hij terugkeert in woesten staat; het beschikkingsrecht blijft er dan alleen op over5). (Men denke evenwel aan mogelijk voorkeurrecht). Waar gronden aan het lidmaatschap verbonden zijn, gaat het bezitrecht door het beëindigen van het lidmaatschap (dood, verhuizing) teniet. Waar de nakoming van bepaalde verplichtingen aan een aandeel gronden verbonden zijn, kan niet-nakoming van die verplichtingen evenzeer tot beëindiging van het inlandsch bezitrecht leiden 6). Voorzichtigheid is geboden bij het aantreffen van verjaringstermijnen in soebakregelingen; deze zijn meestal ontleend aan de Hindoe-rechtsboeken, doch hebben voor de practijk geene beteekenis. Zoo bepaalt de sima soebak van Poeleran (tevens désareglement) dat het bezitrecht op sawah of tuin verloren gaat indien deze gronden tien jaren onbewerkt blijven. Ze vallen dan den sedahan en 'klijang désa toe, die na overleg met den poenggawa, deze gronden toewijzen aan een ander 7).

Hetzelfde valt te zeggen van de verwervingsverjaring (op grond van ongestoord in handen hebben van den akker gedurende tien jaren)8).

Onteigening doet evenzeer verlies van grond ontstaan, al staat daar wel herkrijgen van een gelijk stuk grond tegenover (men denke aan verplaatsing van eene leiding, waar het oude leidingbed weer benut kan worden).

Kan men nu zeggen, dat door despotisch vorstenbestuur het in-

l) Adatrb, XV, blz. 374,

*) Adatrb, XV, blz. 37.

•) Adatrb, XXIII, blz. 311—314 en 335.

*) Pandecten Adatrecht, III, plaats 989; zie eenige voorbeelden van nandoe tanah: Adatrb, XV, blz. 331.

•) Pandecten Adatrecht, HL plaats 1764—1765; Pandecten Adatrecht, IV A, plaats 853—854.

•) Pandecten Adatrecht, IVA, plaats 1064.

7 Adatrb, XV, blz. 350.

') Adatrb, XV, blz. 108.