is toegevoegd aan uw favorieten.

De pijnbank in de Nederlanden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

126

aan de verklaring van een niet gepijnigden slaaf geen geloof werd gehecht, zooals blijkt uit Cicero's Pro Milone. Dat vroeger misbruik gemaakt is en elders misbruik van de pijnbank gemaakt wordt, doet niets ter zake; de vraag is alleen, of het hier te lande geschiedt, hetgeen door den schrijver ontkend wordt.

Een hevige aanklacht tegen de pijnbank vindt men daarentegen in een werk van 1777 van den president van den Raad van Vlaanderen Mr. W. Schoren Zijne memorie luidt: „Vertoog over de ongerijmdheid van het samenstel onzer hedendaagsche Rechtsgeleerdheid en Practijk", waarin de schrijver zich over de pijnbank aldus uitlaat: „Men moet zich er over verwonderen, dat dit verfoeilijk monster in onze verlichte eeuw in sommige rechtbanken nog gebruikt wordt". Hij aarzelt er nog over te schrijven, gelijk Montesquieu, toen deze schreef: „Tant d'habiles gens et tant de beaux genies ont écrit contre 1'usage de la torture que je n'ose parler après eux", maar het is noodig en hij sluit zich aan bij de critiek van den raadsheer Augustin Nicolas, die den wensch uitsprak, dat de koning (Lodewijk XIV) een voorbeeld mocht geven aan de overige christenvorsten door de pijnbank af te schaffen: God wordt niet minder gediend door het sparen van onschuldig bloed dan door het straffen van booswichten1).

Het is waar, dat er juristen zijn als Carpsovius, Farinacius, Julius Clarus en Zangerus, die vóór de pijnbank zijn, zij spreken met koelheid over de onmenschelijkste folteringen, als ware het een zaak van gering belang, maar de sohrijver staat dichter bij den ongenoemden auteur van „Les Principes de la Législation universelle", waarin deze zegt: „Parmi les formalités des loix criminelles il suffit de nommer Ia Question pour affliger les fitnes en qui les sentiments de justice et de compassion ne sont pas éteints. On a si bien prouvé 1'inutilité, 1'insuffisance et 1'atrocité de cette coütume barbare qu'il serait superflu de la combattre d'avantage". Men denke aan het ernstig geval, dat zich te Genève heeft voorgedaan en daar geleid heeft tot afschaffing van de pijnbank. Een jongeling kwam des avonds in de stad om zijn zuster op te zoeken; hij was daar onbekend en niet wetende, waarheen zich te begeven, ging hij onder een afdak zitten slapen. Een ander, dicht bij die plaats een diefstal plegende en de wacht hoorende, neemt de vlucht, maar steekt de sleutels van het huis den slapenden jongeling in den zak. De wacht nadert en hij, met schrik wakker wordende, wordt gevat, ontkent den diefstal en wordt gepijnigd. Hij heeft op

*) A. Nicolas. Dissertation morale et juridique touchant 1'instruction des procés criminels, 1681.