is toegevoegd aan uw favorieten.

Ontwerp en gewijzigd ontwerp besmettelijke ziektenwet 1924, en de daarbij behoorende stukken, vergeleken met de bestaande wetten van 1872 en 1884 tot regeling van de bestrijding dezer ziekten en van aantekeningen voorzien

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

W. 72, art. 5c

113 O. en G. 0. 24, art. 31

RIJKSBIJDRAGE AAN VEREENIGINGEN VOOR OPRICHTING, EXPLOITATIE, LEIDING ENZ. VAN ONTSMETTINGSDIENSTEN.

Wet 1S72 artikel 5c. ' Door den Staat wordt, in de gevallen en onder de voorwaarden bij algemeenen maatregel van bestuur* te bepalen, aan de vereenigingen, die zich de uitvoering van de reiniging en van de ontsmetting, bedoeld in de artt. 4 en 5, ten doel stellen, eene bijdrage verleend van vijftig ten honderd van de kosten van oprichting en van uitbreiding van een ontsmettingsdienst, alsmede van de uitgaven over elk dienstjaar voor de opleiding tot ontsmetter van daartoe door de vereeniging aangewezen personen en voor deskundige leiding van den ontsmettingsdienst.

Ontwerp 1924 artikel 31 K Het Rijk verleent in de gevallen en onder de voorwaarden,bij algemeenen maatregel van bestuur4 te bepalen, aan de vereenigingen 8, die zich de uitvoering van de reiniging en van de ontsmetting, bedoeld in art. 22 ten doel stellen, een bijdrage van vijftig ten honderd van de kosten van oprichting, vernieuwing 1 en uitbreiding van een ontsmettingsdienst, alsmede van de uitgaven over elk dienstjaar voor de opleiding tot ontsmetter van daartoe door de vereeniging aangewezen personen en voor deskundige leiding2 van den ontsmettingsdienst.

1 O. 24, art. 31 ls gelijkluidend met W. 72, art. Sc, behoudens toevoeging van het woord „vernieuwing'' (zie ook O. 24, art. 29, noot 1).

8 Over het begrip deskundige leiding bestaat ernstig verschil van meening tusschen de geneeskundige epidemiologen en de ontsmettings-teohnioi. De eerste betoogen, dat de leider van den ontsmettingsdienst sleohts dan op deskundigheid aanspraak mag maken, wanneer hij geneeskundig-epidemiologisch geschoold is. Zij dringen er op aan het woord „deskundige" te vervangen door „geneeskundig-epidemiologische".

De tweede categorie betoogt, dat de technische verhoudingen op dit gebied zoo moeilijk en ingewikkeld zijn, dat zonder „ontsmettings-teclnische" scholing van deskundigheid geen sprake zal kunnen zijn. Zij wenschen aan het woord „deskundige", toegevoegd te zien „ontsmettings-technische". De geneeskundigen stellen daartegenover als hun meening, dat de ervaring der laatste jaren geleerd heeft, dat de ontsmetting hoe langer hoe meer op den achtergrond komt en hoe langer hoe eenvoudiger wordt, zóó zelfs, dat zij meer en meer aan verplegenden en huisgenooten overgelaten wordt en hier en daar zelfs ontsmettingsinriohtingen gesloten ztjn. Minister Heemskerk stond aanvankelijk (1910) geheel op het standpunt der geneeskundige epidemiologen, terwijl hij later (1911) ook de leiding der ontsmettingstechnici toelaatbaar achtte. Zoowel de geneeskundige-epidemiologen als de ontsmettingstechnici dringen er op aan, dat de wetgever thans partij zal kiezen.

8 Sommigen achten het gewenscht hierbij vast te leggen, dat geen bijdragen zullen worden verleend aan dergelijke vereenigingen in gemeenten, waar reeds een gemeentelijke ontsmettingsdienst werkzaam ls.

* Zie ook het uitvoeringsbesluit (Kon. besluit 20 December 1911, St.bl. no. 364).

6 In het Q. O. is de aanhef veranderd in:

Onder de voorwaarden, bij algemeenen maatregel van bestuur te bepalen, wordt uit 's Rijks kas aan de vereenigingen enz.

S. S. - Besmettelijke Ziektenwet

113