Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

Zonder dat 't ons. gecommandeerd werd hadden we m twee dagen allemaal koekerellen en zwipkes, tot groot verdriet van de buurt. Want er werden nogal eens ruitjes getikt. En de dader was nooit te vinden. : De politie bemoeide zich toen geheel roiet met die zaken. We hadden vier, zegge vier agenten: „Maantje ', „de Koei", „de Zoutzak" en „Dorus Meuwese".

Als de markt van 's morgens was afgeloopen, was er niet veel méér gerij op straat dan juist den bolderwagen van Spierings en de zoutkar van Van der Ven. Na den middag was dus 't midden van de straat en de trottoir geheel vrij; de dilligence ging om half vijf de poort uit naar Nijmegen, gevolgd door enkele voermanskarren op Oss, Grave enz.

Om half een 's middags kwam de postwagen met Kees Diks binnen en 's avonds om acht uur vertrok hij weer.

Dat ging zóó geregeld, dat de menschen hun tijd regelden naar de diligence en den postwagen. Ik hoor m'n moeder nog zeggen: „daor bedde de postwagen al, 't is zeker bij half een. Is jullie klok wel goed?"

En onder de mindere menschen, die de klok niet kenden, waren er, die deze dagelijks op hetzelfde uur terugkeerende gebeurtenis als tijdmeter hielden.

Dus ge kunt begrijpen, dat wij als jongens, bij zoo'n stilte, dachten heer en meester te zijn over de straat en ons te mogen bewegen zoo vrij als een vogeltje in de lucht.

We kenden toen geen fietsen, geen auto's of dergelijke dingen: kinderwagens waren er ook niet veel en die er een had was een heele piet.

Alleen hadden we, als we aan het koekerellen waren, veel last van de tunnekes, die bij Gehugten, de kuiper ën bij Scheerboom op de stoep stonden. Als daar oewe koekerel tusschen kwam hadt ge hem er nog zoo gauw niet uit.

De jongens, diie wat grooter werden, koekerelden met meer, maar hadden eenen „dol", een dol van drie centen, die bij Tony van Tuijl gekocht werd. Een met een echten stalen pin kreegde veur vijf centen bij Mackelenberg. Tony had er ook wel met pinnen, maar van die vertrouwde men niet, dat ze van echt staal waren. Als we zoo'n pin keur den, dan hielden we hem tegen onze tanden aan en hoe kouder hij dan was, hoe beter het staa'.

Sluiten