Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DOOD

A ls alle doen in mij devootlijk is verstild

En 't denken tot verklaarden eenvoud is bezonken,

Maakt even, Dood, uw beeld uit nevelen, verkild,

Zich los, gelijk uit duizend stemmen opgeklonken

Geluid komt uit verijlde verten aangetrild.

Is het de stem van vreugd of kreet van droefnis dronken?

O Dood, zijt gij het einde van ontzaglijk leed

En stilstand van den stroom van onvervuld begeeren ?

Heelt gij de wond, die 't leven in mijn harte reet?

Of zal ik, vóór gij mij ter ruste draagt, nog leeren,

Dat, na een wijle stilte, nieuwe taak gereed

Ligt langs den weg van nieuw erlangen, nieuw ontberen?

Zal ik u naad'ren met mijn liefd' of stilste vrees, Zooals ik wankel tusschen angst en zacht vertrouwen, Wanneer in ver, vreemd land de nacht zwijgende rees Over de wegen met zijn spiedende flambouwen, En geen vertrouwde hand een veil'ge rustplaats wees? Wel glansd' ontroerend schoon het teeder starren-blauwen.

10

Sluiten