is toegevoegd aan uw favorieten.

Inleiding tot de psychologie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INLEIDING.

Het nut van inleidingen tot de philosophie wordt heden ten dage niet of nauwelijks meer betwijfeld. Dat men er zoo vele tegenkomt, bewijst dan ook, dat zij in bestaande behoeften voorzien en is minder merkwaardig dan het feit, dat sommige ervan, ondanks de omstandigheid, dat haar geestelijke vaders met de philosophie, welke zij er op na hielden, al lang ter ziele zijn, de reputatie van een groenen ouden dag genieten. Bij nader toezien blijkt, dat deze altijd jonge inleidingen — ik noem bij wijze van voorbeeld slechts die van Wundt enKülpe — zich op een geheel bijzonder standpunt plaatsen. Met terzijde stelling van de eigen, persoonlijke overtuiging harer auteurs, trachten zij aan te toonen, hoe de philosophie en haar problemen ontstaan zijn, ten einde door een dgl. geschiedkundige oriënteering den weg tot een systematische beoefening dezer wetenschap te effenen. Het resultaat is dan ook een beknopte uiteenzetting van de ontwikkeling en den actueelen toestand der wijsbegeerte.

Inleidingen, die van een bepaald standpunt slechts enkele voorname wijsgeerige problemen trachten te zien en op te lossen om daardoor philosophisch inzicht te wekken en te ontwikkelen, is gewoonlijk een minder voorspoedig bestaan beschoren. Zij overleven meestal den eersten solieden aanval op het systeem harer auteurs niet.

Wie een inleiding tot de psychologie schrijft, kan met deze ervaringen zijn voordeel doen. Hij geve een historisch georiënteerde introductie en schetse de voornaamste vraagstukken met hun waarschijnlijkste oplossingen en daarmede een beeld van onze actueele kennis op het gebied der psychologie. Want meer nog dan op het terrein der philosophie is het op dat der psychologie voor den inleider, die werkelijk inleider wil zijn, zaak de vraagstukken niet uitsluitend van een bepaald theoretisch-psychologisch standpunt — dat der associatie-, complex-, vormtheorie b.v. — te zien en te ontwikkelen. De principieele verschillen, die er tusschen de verschillende richtingen in de positieve psychologie bestaan, betreffen niet alleen de verklaring der yerschijnselen, maar ook — en dat pleegt niet in die mate bij andere positieve wetenschappen voor te komen — object en methode van onderzoek. De weelde van daarin te worden ingeleid, is, dunkt me, te sterk dan dat de beenen van een beginneling ze zou kunnen dragen. Zulk