Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tegen zijn neus duwde. Let snikte 't opeens uit: „m'n schort.... m'n schort!" Want ze was zoo'n preciesje.

Steven huilde nu plots mee, want als Let óók begon .... Het leek een gejank opeens van katten.

Van schrik werd Toosje, het kleutertje, dat daarnaast in haar bedje een uurtje rustig sliep, wakker en begon óók te schreien: „pappa.... pappa.... Toto optaan!" — En huilende Let Hep naar huilend Toosje, pakte *t zusje in haar armen, waarna ze haar mee in de kamer bracht: „o kijk es — jij hebt zus wakker gemaakt, jongen! Nu is ze wéér niet uitgeslapen en ze möèt slapen.... o .... o .... oh!"

„Ik heb haar niet wakker gemaakt," zei Dolf, „Steven gilde."

„Omdat jij omrolde. Waarom val je dan om?" „De pianokruk rolde om, ik dee' niks," beweerde Dolf, „ik zat stil .... en .." „Nee, je wiebelt altijd."

„Nou wiebel ik weer," zei Dolf, terwijl hij nog altijd de prop tegen zijn neus drukte. „Waarom draait een pianokruk? Die wiebelt."

„Jij draait net zoo lang tot ie er uitvalt, je vernielt alles. O, de heele poot is gebarsten!" zei Let op eenmaal verschrikt, „nu zal je vader hooren! En dan m'n schort!.... Vieze, vieze jongen, wat een vuilpoets ben je toch, kijk nou es.... kijk nou es.... ik doe 'm nooit weer aan!" Let had de schort gegrepen en daar zag je nou wat. Ze griezelde. Toosje op haar arm was ineens stil van al het vreeselijke.

„Dat landschapje—" zei Dolf droog, „gut, *t is ook nogal wat, een beetje water spoelt het er wel weer uit. Ik kan m'n neus toch niet laten bloeden. Of soms wèl?"

Dolf raapte de pianokruk op, zette 't bovenstuk weer in den poot en begon te draaien. Vader zou niet veel

6

Sluiten