is toegevoegd aan je favorieten.

Beheersversobering in onze Overheidsbedrijven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Deze uitsluitend-technische inrichtingen worden er niet alleen besproken, zij worden er „bestuurd"; van hare begrootingen worden, naar gelang van omstandigheden, die met de techniek in geen ver-verwijderd verband staan, posten geschrapt of bijgevoegd, bedragen verminderd of vermeerderd en de „directeur van een bedrijf, moet zulke besluiten! vaak tegen beter weten in, uitvoeren.

Alvorens de tegenwoordige gemeentebedrijven meer uitvoerig te bespreken, moge vermeld worden, dat zij in vele gevallen hebben verdrongen de concessies, die door particulieren of naamlooze vennootschappen werden uitgeoefend.

De bezwaren aan de concessie's verbonden, waren in vele gevallen zóó groot, dat de gemeenschap, vaak ook geleid door politieke overwegingen, besloot zelf de technische bedrijven ter hand te nemen.

Zij stichtte nu gasfabrieken, centrales, slachthuizen, enz., fourneerde daarvoor het kapitaal en nam alle risico op zich. Uit risico was gemakkelijk te dragen, omdat zij er monopolies van maakte. De bedrijfsvorm was op vele plaatsen zoodanig, dat Raad en B. en W. het bedrijf leidden, bijgestaan door een technischen adviseur (de zgn. directeur) den Gemeente-secretaris en den Gemeente-ontvanger.

Deze toestand bestaat in vele kleinere, en óók nog in grootere gemeenten. Hij is door invoering van art. lHbis der Gemeentewet in sommige opzichten gewijzigd, voornamelijk doordat men eenen deskundige een deel der uitvoering en leiding in handen gaf, aldus trachtende een zekere aanpassing aan de eischen der techniek te verkrijgen.

Voor men tot een bestudeering van het beheer der gemeentebedrijven overgaat, stelle men goed vast, wat een gemeentebedrijf is.

De bepaling, welke door Prof. Volmer in „Beginselen Toio" j beheer en de boekhouding der gemeentebedrijven, iyi2 daarvoor gegeven is, lijkt ons zeer aannemelijk, namelijk:

„een technische of commercieele onderneming, die „gedreven wordt door en voor rekening van één of „meer gemeenten." V. knoopt daaraan vast:

„Het is onverschillig of deze onderneming hare diensten

6